ECLI:NL:GHDHA:2025:264 · Gerechtshof Den Haag
Legislator summary
AI generatedRolnummer: 22-002188-23 Parketnummer: 10-240109-22 Datum uitspraak: 12 februari 2025 VERSTEK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 13 juli 2023 in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992, adres: [woonadres] , [woonplaats] , De vordering van de advocaat-generaal De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep van 12 februari 2025 gevorderd dat de niet ter terechtzitting in hoger beroep verschenen verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het hoger beroep.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:GHDHA:2025:264 · Gerechtshof Den Haag: Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep De verdachte heeft niet een schriftuur met grieven tegen het vonnis ingediend. Evenmin heeft hij ter terechtzitting in hoger beroep mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof ziet ambtshalve geen redenen voor een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep. BESLISSING Het hof: Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Full text
Rolnummer: 22-002188-23 Parketnummer: 10-240109-22 Datum uitspraak: 12 februari 2025 VERSTEK Gerechtshof Den Haag meervoudige kamer voor strafzaken Arrest gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Rotterdam van 13 juli 2023 in de strafzaak tegen de verdachte: [verdachte] , geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1992, adres: [woonadres] , [woonplaats] , De vordering van de advocaat-generaal De advocaat-generaal heeft ter terechtzitting in hoger beroep van 12 februari 2025 gevorderd dat de niet ter terechtzitting in hoger beroep verschenen verdachte niet-ontvankelijk zal worden verklaard in het hoger beroep.
Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep De verdachte heeft niet een schriftuur met grieven tegen het vonnis ingediend. Evenmin heeft hij ter terechtzitting in hoger beroep mondeling bezwaren tegen het vonnis opgegeven. Het hof ziet ambtshalve geen redenen voor een inhoudelijke behandeling van de zaak in hoger beroep. Daarom zal de verdachte, gelet op het bepaalde in artikel 416, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep. BESLISSING Het hof: Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door mr. A.E. Mos-Verstraten, als voorzitter, mr. E.C. van Veen en mr. J.T.C. Leliveld, leden, in bijzijn van de griffier mr. J.C.A. Verhoef. Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 12 februari 2025. Mr. J.T.C. Leliveld is buiten staat dit arrest te ondertekenen.