ECLI:NL:GHDHA:2022:377 · Gerechtshof Den Haag
Legislator summary
AI generatedGERECHTSHOF DEN HAAG Team Belastingrecht meervoudige kamer nummer BK-21/00362bis HERSTELUITSPRAAK van 3 maart 2022 in het geding tussen: [X] te [Z] , belanghebbende, en de heffingsambtenaar van de gemeente Den Haag, de Heffingsambtenaar, (vertegenwoordiger: […] ) gedaan ter verbetering van de uitspraak van dit Hof met nummer BK-21/00362, ECLI:NL:GHDHA:2022:53, inzake het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 16 april 2021, nummer SGR 20/2169. 1De uitspraak in het hoger beroep 1.1. Het is het Hof gebleken dat in de uitspraak van 18 januari 2022 abusievelijk als uitspraakdatum 18 januari 2021 is vermeld (op blz. 1 en 6). 1.2.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:GHDHA:2022:377 · Gerechtshof Den Haag: 1De uitspraak in het hoger beroep 1.1. Het is het Hof gebleken dat in de uitspraak van 18 januari 2022 abusievelijk als uitspraakdatum 18 januari 2021 is vermeld (op blz. 1 en 6). 1.2.
Cited Case Law
AI generatedFull text
GERECHTSHOF DEN HAAG Team Belastingrecht meervoudige kamer nummer BK-21/00362bis HERSTELUITSPRAAK van 3 maart 2022 in het geding tussen: [X] te [Z] , belanghebbende, en de heffingsambtenaar van de gemeente Den Haag, de Heffingsambtenaar, (vertegenwoordiger: […] ) gedaan ter verbetering van de uitspraak van dit Hof met nummer BK-21/00362, ECLI:NL:GHDHA:2022:53, inzake het hoger beroep van belanghebbende tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag van 16 april 2021, nummer SGR 20/2169. 1De uitspraak in het hoger beroep 1.1. Het is het Hof gebleken dat in de uitspraak van 18 januari 2022 abusievelijk als uitspraakdatum 18 januari 2021 is vermeld (op blz. 1 en 6). 1.2.
Het Hof zal de verbetering doorvoeren zoals in 1.1 is vermeld. 2Beslissing Het Hof: verbetert de hierboven vermelde misslag in de uitspraak van 18 januari 2022, nummer BK-21/00362, en stelt de verbetering op de minuut van die uitspraak. Deze uitspraak is vastgesteld door F.G.F. Peters, W.M.G. Visser en L.D. van Wijck-Koolstra, in tegenwoordigheid van de griffier J. Azmi Shenouda. De beslissing is op 3 maart 2022 in het openbaar uitgesproken. aangetekend aan partijen verzonden: