Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:GHDHA:2022:3055 ECLI:NL:GHDHA:2022:3055 AI generated

ECLI:NL:GHDHA:2022:3055 · Gerechtshof Den Haag

Case Number ECLI:NL:GHDHA:2022:3055
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

Beslissing op het verzoek ex artikel 31 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) 1.1 Het hof heeft in deze zaak op 27 juli 2022 een beschikking gegeven (hierna: de beschikking van 27 juli). 1.2 Het hof kennis genomen van het verzoek van de advocaat van de vrouw, ingekomen bij brief van 9 augustus 2022, tot verbetering van de beschikking van 27 juli omdat er in haar visie sprake is van een kennelijke fout. Volgens de vrouw is ten onrechte niet in het dictum van de beschikking van 27 juli opgenomen dat de partneralimentatie voor het eerst per 1 januari 2022 wordt geïndexeerd. 1.3 De advocaat van de man is in de gelegenheid gesteld om op dit verzoek te reageren.

Legislator headnote

AI generated

artikel 31 Rv; ECLI:NL:GHDHA:2022:3055 · Gerechtshof Den Haag: Dit heeft zij gedaan bij brief van 23 augustus 2022. De man refereert zich aan het oordeel van het hof. 2De beoordeling 2.1 Op grond van artikel 31 Rv verbetert de rechter op een verzoek van een partij dan wel ambtshalve kennelijke rekenfouten, schrijffouten of andere kennelijke fouten die zich voor eenvoudig herstel lenen. 2.2 Het hof is van oordeel dat er sprake is van een kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. Het hof stelt vast dat uit de overwegingen van de beschikking van 27 juli volgt dat het voor het jaar 2021 vastgestelde bedrag aan partneralimentatie voor het eerst per 1 januari 2022 moet worden geïndexeerd maar dat dit niet in het dictum is opgenomen. 2.3 Dit heeft tot gevolg dat het herstelverzoek van de vrouw moet worden toegewezen.

Keywords

AI generated
artikel 31 Rv

Cited Legislation

AI generated
artikel 31 Rv
2De beoordeling 2.1 Op grond van artikel 31 Rv verbetert de rechter op een verzoek van een partij dan wel ambtshalve kennelijke rekenfouten, schrijffouten of andere kennelijke fouten die zich voor eenvoudig herstel lenen.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

GERECHTSHOF DEN HAAG Afdeling civiel recht zaaknummer : 200.295.481/01 rekestnummer rechtbank : FA RK 20-1804 zaaknummer rechtbank : C/10/593327 beschikking van de meervoudige kamer van 28 september 2022 inzake [appellant] , wonende te [woonplaats] , gemeente [gemeente] , verzoeker in het principaal hoger beroep, verweerder in het incidenteel hoger beroep, hierna te noemen: de man, advocaat voorheen: mr. A.J.G. Jukema te Bergschenhoek, huidige advocaat: mr. M.K. de Menthon Bake te Den Haag, tegen [geïntimeerde] , wonende te [woonplaats] , verweerster in het principaal hoger beroep, verzoekster in incidenteel hoger beroep, hierna te noemen: de vrouw, advocaat mr. N.T. Vogelaar te ‘s-Gravenzande.

1. Beslissing op het verzoek ex artikel 31 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (hierna: Rv) 1.1 Het hof heeft in deze zaak op 27 juli 2022 een beschikking gegeven (hierna: de beschikking van 27 juli). 1.2 Het hof kennis genomen van het verzoek van de advocaat van de vrouw, ingekomen bij brief van 9 augustus 2022, tot verbetering van de beschikking van 27 juli omdat er in haar visie sprake is van een kennelijke fout. Volgens de vrouw is ten onrechte niet in het dictum van de beschikking van 27 juli opgenomen dat de partneralimentatie voor het eerst per 1 januari 2022 wordt geïndexeerd. 1.3 De advocaat van de man is in de gelegenheid gesteld om op dit verzoek te reageren.

Dit heeft zij gedaan bij brief van 23 augustus 2022. De man refereert zich aan het oordeel van het hof. 2De beoordeling 2.1 Op grond van artikel 31 Rv verbetert de rechter op een verzoek van een partij dan wel ambtshalve kennelijke rekenfouten, schrijffouten of andere kennelijke fouten die zich voor eenvoudig herstel lenen. 2.2 Het hof is van oordeel dat er sprake is van een kennelijke fout die zich voor eenvoudig herstel leent. Het hof stelt vast dat uit de overwegingen van de beschikking van 27 juli volgt dat het voor het jaar 2021 vastgestelde bedrag aan partneralimentatie voor het eerst per 1 januari 2022 moet worden geïndexeerd maar dat dit niet in het dictum is opgenomen. 2.3 Dit heeft tot gevolg dat het herstelverzoek van de vrouw moet worden toegewezen.

De beschikking van 27 juli zal daarom op de volgende wijze worden verbeterd.

3De beslissing

Het hof: bepaalt dat waar “bepaalt dat de man aan de vrouw een uitkering tot levensonderhoud aan de vrouw zal betalen van: - met ingang van 1 maart 2020 € 3.526,- bruto per maand; - met ingang van 1 januari 2021 € 2.926,- bruto per maand;” staat, dit wordt gewijzigd in: “bepaalt dat de man aan de vrouw een uitkering tot levensonderhoud aan de vrouw zal betalen van: - met ingang van 1 maart 2020 € 3.526,- bruto per maand; - met ingang van 1 januari 2021 € 2.926,- bruto per maand; te verhogen met de wettelijke indexering, voor het eerst per 1 januari 2022.” bepaalt dat deze verbetering met vermelding van de dag van deze uitspraak op de minuut van voornoemde beschikking wordt gesteld; beveelt afgifte van de met inachtneming van deze beslissing verbeterde authentieke afschriften van de voornoemde beschikking; bepaalt dat partijen de eerder verstrekte afschriften, opgemaakt in executoriale vorm, binnen twee weken na heden aan de griffier doen toekomen.

Deze beschikking is gegeven door mrs. E.A. Mink, S.H.M. van der Heiden en A.F. Mollema, bijgestaan door mr. N. van Duijvenbode als griffier, en is op 28 september 2022 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.