Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:GHARL:2018:7613 ECLI:NL:GHARL:2018:7613 AI generated

ECLI:NL:GHARL:2018:7613 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Case Number ECLI:NL:GHARL:2018:7613
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

WAHV 200.205.394 23 augustus 2018 CJIB 194052437 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zittingsplaats Leeuwarden Arrest op het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Den Haag van 26 oktober 2016 betreffende [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene), wonende te [A] . De beslissing van de kantonrechter De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie gedeeltelijk gegrond verklaard en de sanctie gematigd tot een bedrag van € 0,00. Het procesverloop De officier van justitie heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. De betrokkene heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. Beoordeling 1. De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de kantonrechter de sanctie niet had mogen matigen. Er zou namelijk geen sprake zijn van bijzondere omstandigheden die daar aanleiding voor geven.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:GHARL:2018:7613 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden: Artikel 14 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) bepaalt dat in twee situaties hoger beroep kan worden ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter: - wanneer de sanctie bij de beslissing van de kantonrechter hoger is dan € 70,- - wanneer de kantonrechter het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat geen (of niet op tijd) zekerheid is gesteld. Van geen van deze situaties is hier sprake.

Cited Case Law

AI generated

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

WAHV 200.205.394 23 augustus 2018 CJIB 194052437 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden zittingsplaats Leeuwarden Arrest op het hoger beroep tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Den Haag van 26 oktober 2016 betreffende [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene), wonende te [A] . De beslissing van de kantonrechter De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie gedeeltelijk gegrond verklaard en de sanctie gematigd tot een bedrag van € 0,00. Het procesverloop De officier van justitie heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. De betrokkene heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. Beoordeling 1. De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat de kantonrechter de sanctie niet had mogen matigen. Er zou namelijk geen sprake zijn van bijzondere omstandigheden die daar aanleiding voor geven.

2. Artikel 14 van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) bepaalt dat in twee situaties hoger beroep kan worden ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter: - wanneer de sanctie bij de beslissing van de kantonrechter hoger is dan € 70,- - wanneer de kantonrechter het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard omdat geen (of niet op tijd) zekerheid is gesteld. Van geen van deze situaties is hier sprake.

3. Het hof heeft eerder geoordeeld dat ondanks de hiervoor vermelde beperkingen er voor de officier van justitie ook hoger beroep openstaat wanneer de kantonrechter de inleidende beschikking heeft vernietigd op één van de gronden die in artikel 9 van de Wahv zijn genoemd of het oordeel van de kantonrechter tot vernietiging had moeten leiden (vgl. het arrest van het hof van 20 juli 2010, gepubliceerd op rechtspraak.nl met vindplaats ECLI:NL:GHLEE:2010:BN3632). Dat geldt ook voor gevallen waarin de kantonrechter de sanctie heeft verlaagd tot € 70,- of minder vanwege de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Er is echter geen hoger beroep mogelijk wanneer de kantonrechter de sanctie heeft verlaagd tot € 70,- of minder gelet op de omstandigheden waarin de betrokkene verkeert.

4. De kantonrechter heeft in de omstandigheden waarin de betrokkene verkeerde aanleiding gezien de sanctie te matigen tot nihil. Dat brengt mee dat tegen de beslissing van de kantonrechter geen hoger beroep openstaat. Het hof zal het hoger beroep van de officier van justitie daarom niet-ontvankelijk verklaren. Beslissing Het gerechtshof: verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Huizenga als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.