ECLI:NL:GHARL:2018:206 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden
Legislator summary
AI generatedGERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.215.417 (zaaknummer rechtbank Overijssel 196342) beschikking van 9 januari 2018 inzake [de vader] , wonende te [plaats] ,verzoeker in hoger beroep, verder te noemen: de vader, advocaat: mr. L.D.M. Rubens-Snijders te Boven-Leeuwen, gemeente West Maas en Waal, en [de moeder] , wonende te [plaats] , gemeente [plaats] , verweerster in hoger beroep, verder te noemen: de moeder, advocaat: mr. D. Beuving te Hengelo (O).
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:GHARL:2018:206 · Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden: Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 16 februari 2017, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.
Full text
GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN locatie Arnhem afdeling civiel recht zaaknummer gerechtshof 200.215.417 (zaaknummer rechtbank Overijssel 196342) beschikking van 9 januari 2018 inzake [de vader] , wonende te [plaats] ,verzoeker in hoger beroep, verder te noemen: de vader, advocaat: mr. L.D.M. Rubens-Snijders te Boven-Leeuwen, gemeente West Maas en Waal, en [de moeder] , wonende te [plaats] , gemeente [plaats] , verweerster in hoger beroep, verder te noemen: de moeder, advocaat: mr. D. Beuving te Hengelo (O).
1Het geding in eerste aanleg
Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 16 februari 2017, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.
2Het geding in hoger beroep
Het verloop van de procedure blijkt uit: - het beroepschrift met producties, ingekomen op 8 mei 2017; - een journaalbericht van mr. Beuving van 1 november 2017 met producties; - een journaalbericht van mr. Rubens-Snijders van 8 november 2017 met productie; - een journaalbericht van mr. Rubens-Snijders van 18 december 2017; - een journaalbericht van mr. Beuving van 19 december 2017. 3De motivering van de beslissing 3.1 Blijkens de hiervoor onder 2. genoemde correspondentie hebben partijen - na mediation - overeenstemming bereikt over de in deze procedure voorliggende geschilpunten.
Zij hebben de gemaakte afspraken vastgelegd in de door partijen op 30 oktober 2017 ondertekende overeenkomst. Partijen verzoeken de beschikking van 16 februari 2017 te bekrachtigen en de door hen ondertekende overeenkomst aan de door het hof te geven beschikking te hechten. Het hof leidt daaruit af dat de vader de gronden van zijn hoger beroep niet langer handhaaft. Het hof zal het hoger beroep dan ook verwerpen. Het hof wijst het verzoek te beslissen overeenkomstig de afspraken die partijen over het gezag hebben gemaakt af, omdat het partijen niet vrijstaat afspraken te maken over wie van hen het gezag heeft. 3.2 Gelet op de familierechtelijke aard van de procedure zal het hof, conform het in zoverre niet weersproken verzoek van de vader, de proceskosten in hoger beroep compenseren.
4De beslissing
Het hof, beschikkende in hoger beroep: verwerpt het hoger beroep tegen de beschikking van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 16 februari 2017; compenseert de kosten van het geding in hoger beroep in die zin, dat elke partij de eigen kosten draagt; wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is gegeven door mrs. A. Smeeïng-van Hees, J.H. Lieber en R. Feunekes, bijgestaan door de griffier, en is op 9 januari 2018 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.