Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:GHAMS:2012:4349 ECLI:NL:GHAMS:2012:4349 AI generated

ECLI:NL:GHAMS:2012:4349 · Gerechtshof Amsterdam

Case Number ECLI:NL:GHAMS:2012:4349
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM TWEEDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER Beslissing van 21 augustus 2012 in de zaak van: 1 [naam] , gevestigd te [gemeente], 2. [naam], wonende te [gemeente], APPELLANTEN, gemachtigde: mr C.J.J. Hiebendaal, advocaat te ’s-Gravenhage, t e g e n [naam] , notaris te [gemeente], GEÏNTIMEERDE, gemachtigde: mr. E.J.M. van Rijckevorsel-Teeuwen, advocaat te Amsterdam. 1Het geding in hoger beroep 1.1. Namens appellanten, hierna verder te noemen “klagers”, is bij een op 10 december 2010 ter griffie van het hof ingekomen verzoekschrift – met bijlage – tijdig hoger beroep ingesteld tegen de aan deze beslissing gehechte beslissing van de kamer van toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Amsterdam, hierna verder te noemen “de kamer”, van 16 november 2010, waarbij de kamer de klacht tegen geïntimeerde, hierna verder te noemen “de notaris”, in al haar onderdelen ongegrond heeft verklaard.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:GHAMS:2012:4349 · Gerechtshof Amsterdam: Op 13 januari 2011 is van de zijde van klagers een aanvullend beroepschrift met bijlagen ontvangen. 1.2. Van de zijde van de notaris is op 23 maart 2011 een verweerschrift met bijlagen ter griffie van het hof ingekomen. 1.3. Het hoger beroep is behandeld ter openbare terechtzitting van 10 november 2011. 1.4. Op 29 maart 2012 is van de gemachtigde van klagers een brief ter griffie van het hof ingekomen, inhoudende, voor zover in dezen van belang: “Cliënten ([naam] en de heer [naam]) hebben mij meegedeeld, dat zij om hen moverende reden de onderhavige tuchtzaak willen beëindigen.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM TWEEDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER Beslissing van 21 augustus 2012 in de zaak van: 1 [naam] , gevestigd te [gemeente], 2. [naam], wonende te [gemeente], APPELLANTEN, gemachtigde: mr C.J.J. Hiebendaal, advocaat te ’s-Gravenhage, t e g e n [naam] , notaris te [gemeente], GEÏNTIMEERDE, gemachtigde: mr. E.J.M. van Rijckevorsel-Teeuwen, advocaat te Amsterdam. 1Het geding in hoger beroep 1.1. Namens appellanten, hierna verder te noemen “klagers”, is bij een op 10 december 2010 ter griffie van het hof ingekomen verzoekschrift – met bijlage – tijdig hoger beroep ingesteld tegen de aan deze beslissing gehechte beslissing van de kamer van toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Amsterdam, hierna verder te noemen “de kamer”, van 16 november 2010, waarbij de kamer de klacht tegen geïntimeerde, hierna verder te noemen “de notaris”, in al haar onderdelen ongegrond heeft verklaard.

Op 13 januari 2011 is van de zijde van klagers een aanvullend beroepschrift met bijlagen ontvangen. 1.2. Van de zijde van de notaris is op 23 maart 2011 een verweerschrift met bijlagen ter griffie van het hof ingekomen. 1.3. Het hoger beroep is behandeld ter openbare terechtzitting van 10 november 2011. 1.4. Op 29 maart 2012 is van de gemachtigde van klagers een brief ter griffie van het hof ingekomen, inhoudende, voor zover in dezen van belang: “Cliënten ([naam] en de heer [naam]) hebben mij meegedeeld, dat zij om hen moverende reden de onderhavige tuchtzaak willen beëindigen.

Ik trek derhalve hierbij namens cliënten de tuchtrechtelijke klachten tegen notaris [naam] in.” 2De beoordeling 2.1. Nu klagers de tuchtrechtelijke klachten tegen de notaris hebben ingetrokken, hetgeen het hof verstaat als dat zij geen belang meer hebben bij een uitspraak over de klachten en het algemeen belang naar het oordeel van het hof de voortzetting van de behandeling niet vergt, zal de beslissing van de kamer waarvan beroep worden vernietigd en zullen klagers alsnog niet-ontvankelijk worden verklaard in hun klacht. 2.2. Op grond van hetgeen onder 2.1. is overwogen beslist het hof als volgt.

3De beslissing

Het hof: - vernietigt de bestreden beslissing en, opnieuw beslissende, - verklaart klagers niet-ontvankelijk in hun klacht. Deze beslissing is gegeven door mrs. A.L.G.A. Stille, A.M.A. Verscheure en P. Blokland en in het openbaar uitgesproken op dinsdag 21 augustus 2012 door de rolraadsheer.