Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:GHAMS:2012:2710 ECLI:NL:GHAMS:2012:2710 AI generated

ECLI:NL:GHAMS:2012:2710 · Gerechtshof Amsterdam

Case Number ECLI:NL:GHAMS:2012:2710
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

GERECHTSHOF AMSTERDAM ELFDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER ARREST in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid METDEZON B.V., gevestigd te De Rijp, gemeente Graft-De Rijp, appellante in de hoofdzaak, verweerster in het incident, advocaat: mr. W. den Harder, te Alkmaar, en de rechtspersoon naar publiek recht HOOGHEEMRAADSCHAP HOLLANDS NOORDERKWARTIER, met zetel te Heerhugowaard, geïntimeerde in de hoofdzaak, verweerder in het incident, advocaat: mr. P.C. Leegwater, te Amsterdam, tegen de rechtspersoon naar publiek recht DE GEMEENTE GRAFT-DE RIJP, met zetel te De Rijp, eiser in het incident, advocaat: mr. P.C. Leegwater, te Amsterdam.

Legislator headnote

AI generated

artikel 217 Rv; ECLI:NL:GHAMS:2012:2710 · Gerechtshof Amsterdam: Op 17 april 2012 heeft het hof in deze zaak een tussenarrest uitgesproken. Het hof verwijst daarnaar. MetDeZon heeft daarna een memorie van grieven genomen. De Gemeente heeft bij incidentele conclusie op de voet van artikel 217 Rv gevorderd zich in de onderhavige zaak te mogen voegen aan de zijde van Hoogheemraadschap. Tegen de voeging is geen bezwaar gemaakt. Ten slotte is arrest gevraagd in het incident. 2Beoordeling 2.1 Uit hetgeen is aangevoerd blijkt dat er voldoende reden is voor voeging zoals gevorderd. Het hof zal de beslissing omtrent de kosten aanhouden. 2.2 De hoofdzaak zal naar de rol worden verwezen voor memorie van antwoord aan de zijde van Hoogheemraadschap en de Gemeente.

Keywords

AI generated
artikel 217 Rv

Cited Legislation

AI generated
artikel 217 Rv
De Gemeente heeft bij incidentele conclusie op de voet van artikel 217 Rv gevorderd zich in de onderhavige zaak te mogen voegen aan de zijde van Hoogheemraadschap.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

GERECHTSHOF AMSTERDAM ELFDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER ARREST in de zaak van: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid METDEZON B.V., gevestigd te De Rijp, gemeente Graft-De Rijp, appellante in de hoofdzaak, verweerster in het incident, advocaat: mr. W. den Harder, te Alkmaar, en de rechtspersoon naar publiek recht HOOGHEEMRAADSCHAP HOLLANDS NOORDERKWARTIER, met zetel te Heerhugowaard, geïntimeerde in de hoofdzaak, verweerder in het incident, advocaat: mr. P.C. Leegwater, te Amsterdam, tegen de rechtspersoon naar publiek recht DE GEMEENTE GRAFT-DE RIJP, met zetel te De Rijp, eiser in het incident, advocaat: mr. P.C. Leegwater, te Amsterdam.

1Het geding in hoger beroep

Op 17 april 2012 heeft het hof in deze zaak een tussenarrest uitgesproken. Het hof verwijst daarnaar. MetDeZon heeft daarna een memorie van grieven genomen. De Gemeente heeft bij incidentele conclusie op de voet van artikel 217 Rv gevorderd zich in de onderhavige zaak te mogen voegen aan de zijde van Hoogheemraadschap. Tegen de voeging is geen bezwaar gemaakt. Ten slotte is arrest gevraagd in het incident. 2Beoordeling 2.1 Uit hetgeen is aangevoerd blijkt dat er voldoende reden is voor voeging zoals gevorderd. Het hof zal de beslissing omtrent de kosten aanhouden. 2.2 De hoofdzaak zal naar de rol worden verwezen voor memorie van antwoord aan de zijde van Hoogheemraadschap en de Gemeente.

Elke verdere beslissing in de hoofdzaak zal het hof aanhouden. 3Beslissing Het hof: in het incident: staat de Gemeente toe zich te voegen aan de zijde van Hoogheemraadschap; houdt de beslissing omtrent de kosten aan tot de einduitspraak; in de hoofdzaak: verwijst de zaak naar de rol van 16 oktober 2012 voor memorie van antwoord aan de zijde van Hoogheemraadschap en de Gemeente; houdt elke verdere beslissing aan. Dit arrest is gewezen door mrs. W.J.J. Los, W.J. Noordhuizen en G.C.C. Lewin en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 4 september 2012.