ECLI:NL:CRVB:2023:2260 · Centrale Raad van Beroep
Legislator summary
AI generated22 4018 ANW-PV Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 1 februari 2022, 20/6557 (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellante] te Marokko (appellante) de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank Datum uitspraak: 24 november 2023 Zitting heeft: J.C. Boeree, als lid van de enkelvoudige kamer Griffier: L.C. van Bentum Op de zitting is niemand verschenen. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:CRVB:2023:2260 · Centrale Raad van Beroep: Boeree, als lid van de enkelvoudige kamer Griffier: L.C. van Bentum Op de zitting is niemand verschenen. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Full text
22 4018 ANW-PV Centrale Raad van Beroep Enkelvoudige kamer Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak, in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 1 februari 2022, 20/6557 (aangevallen uitspraak) Partijen: [appellante] te Marokko (appellante) de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank Datum uitspraak: 24 november 2023 Zitting heeft: J.C. Boeree, als lid van de enkelvoudige kamer Griffier: L.C. van Bentum Op de zitting is niemand verschenen. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
GRONDEN VAN DE BESLISSING In de uitspraak van 28 juni 2023 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard omdat de beroepstermijn is overschreden. Appellante heeft verzet gedaan. In het verzetschrift voert appellante aan dat zij door haar medische toestand niet in staat is geweest tijdig een hogerberoepschrift in te dienen. Zij heeft stukken meegezonden om dit te onderbouwen. Wat appellante aanvoert zijn geen gegronde redenen waaruit zou moeten blijken dat appellante niet tijdig een hogerberoepschrift in had kunnen dienen.
Appelante heeft hulp ingeroepen van haar zoon, maar met zijn hulp heeft appellante de beroepstermijn ruim overschreden. In de uitspraak van 28 juni is geoordeeld dat de medische stukken die appellante heeft ingediend niet tot een ander oordeel kunnen leiden. De Raad ziet geen aanleiding om daarover naar aanleiding van het verzetschrift anders over te oordelen. Dit betekent dat het verzet ongegrond wordt verklaard. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding. Waarvan proces-verbaal. De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer (getekend) L.C. van Bentum (getekend) J.
C. Boeree