Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CRVB:2022:270 ECLI:NL:CRVB:2022:270 AI generated

ECLI:NL:CRVB:2022:270 · Centrale Raad van Beroep

Case Number ECLI:NL:CRVB:2022:270
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

19 1223 PW-R Centrale Raad van Beroep Meervoudige kamer Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 7 december 2021, 19/1223 PW Partijen: [appellant] te [woonplaats] (appellant) het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen (college) Datum uitspraak: 1 februari 2022 PROCESVERLOOP De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 7 december 2021, 19/1223 PW (uitspraak) een kennelijke fout bevat voor zover het de proceskostenveroordeling betreft. De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te verbeteren. Partijen hebben van die gelegenheid geen gebruik gemaakt. OVERWEGINGEN 1. De Raad heeft vastgesteld dat in de beslissing van de uitspraak ten onrechte is bepaald dat het college aan appellant de door hem in hoger beroep betaalde proceskosten ten bedrage van € 1.068,- vergoedt. Het te vergoeden bedrag is € 748,-, aangezien appellant en zijn gemachtigde niet ter zitting van de Raad zijn verschenen.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:CRVB:2022:270 · Centrale Raad van Beroep: De Raad zal de onder 1 vermelde beslissing herstellen door de uitspraak van 7 december 2021 te rectificeren in die zin dat aanleiding bestaat om het college te veroordelen in de proceskosten van appellant in hoger beroep tot een bedrag van € 748,-.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

19 1223 PW-R Centrale Raad van Beroep Meervoudige kamer Uitspraak tot rectificatie van de uitspraak van de Raad van 7 december 2021, 19/1223 PW Partijen: [appellant] te [woonplaats] (appellant) het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen (college) Datum uitspraak: 1 februari 2022 PROCESVERLOOP De Raad heeft vastgesteld dat zijn uitspraak van 7 december 2021, 19/1223 PW (uitspraak) een kennelijke fout bevat voor zover het de proceskostenveroordeling betreft. De Raad heeft daarin aanleiding gezien partijen in de gelegenheid te stellen zich schriftelijk uit te laten over het voornemen van de Raad om de uitspraak te verbeteren. Partijen hebben van die gelegenheid geen gebruik gemaakt. OVERWEGINGEN 1. De Raad heeft vastgesteld dat in de beslissing van de uitspraak ten onrechte is bepaald dat het college aan appellant de door hem in hoger beroep betaalde proceskosten ten bedrage van € 1.068,- vergoedt. Het te vergoeden bedrag is € 748,-, aangezien appellant en zijn gemachtigde niet ter zitting van de Raad zijn verschenen.

2. De Raad zal de onder 1 vermelde beslissing herstellen door de uitspraak van 7 december 2021 te rectificeren in die zin dat aanleiding bestaat om het college te veroordelen in de proceskosten van appellant in hoger beroep tot een bedrag van € 748,-.

3. Aan deze uitspraak tot rectificatie is een gerectificeerd exemplaar van de oorspronkelijke uitspraak gehecht. De gerectificeerde uitspraak zal worden gepubliceerd op rechtspraak.nl. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep rectificeert zijn uitspraak van 7 december 2021 als in de overwegingen is weergegeven. Deze uitspraak is gedaan door G.M.G. Hink als voorzitter en F. Hoogendijk en K.H. Sanders als leden, in tegenwoordigheid van R. de Haas als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 1 februari 2022. (getekend) G.M.G. Hink (getekend) R. de Haas