Legislator Case Law & Legislation
03/6454 WAO ECLI:NL:CRVB:2005:AS6718 AI generated

03/6454 WAO · Centrale Raad van Beroep

Case Number 03/6454 WAO
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

E N K E L V O U D I G E K A M E R 03/6454 WAO U I T S P R A A K met toepassing van artikel 21 van de Beroepswet in samenhang met artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht inzake de kosten van het geding tussen: [verzoekster], wonende te [woonplaats], appellante, thans verzoekster, en de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gedaagde. I. INLEIDING Bij schrijven van 19 april 2004 heeft mr. E. Hoek als gemachtigde van verzoekster het door haar ingestelde hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht gedaagde in de proceskosten te veroordelen.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht; 03/6454 WAO · Centrale Raad van Beroep: I. INLEIDING Bij schrijven van 19 april 2004 heeft mr. E. Hoek als gemachtigde van verzoekster het door haar ingestelde hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht gedaagde in de proceskosten te veroordelen.

Keywords

AI generated
artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht
artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

E N K E L V O U D I G E K A M E R 03/6454 WAO U I T S P R A A K met toepassing van artikel 21 van de Beroepswet in samenhang met artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht inzake de kosten van het geding tussen: [verzoekster], wonende te [woonplaats], appellante, thans verzoekster, en de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gedaagde. I. INLEIDING Bij schrijven van 19 april 2004 heeft mr. E. Hoek als gemachtigde van verzoekster het door haar ingestelde hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht gedaagde in de proceskosten te veroordelen.

Gedaagde heeft geen gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen. Elk der partijen heeft, desgevraagd, schriftelijk toestemming verleend voor afdoening buiten zitting. II. MOTIVERING Nu het hoger beroep is ingetrokken omdat gedaagde aan verzoekster is tegemoet gekomen, is er aanleiding om gedaagde met toepassing van artikel 8:75 van de Algemene wet bestuursrecht te veroordelen in de kosten van verzoekster, welke met inachtneming van het Besluit proceskosten bestuursrecht zijn begroot op € 322,- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep..

III. BESLISSING De Centrale Raad van Beroep, Recht doende: Veroordeelt gedaagde in de proceskosten van verzoekster tot een bedrag groot € 322,-, te betalen door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen; Bepaalt dat het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen aan appellante het door haar betaalde griffierecht van € 87,- vergoedt. Aldus gegeven door mr. Ch. van Voorst in tegenwoordigheid van A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen als griffier en uitgesproken in het openbaar op 16 februari 2005 (get.) Ch. van Voorst. (get.) A.J.T.M. Bruijnis-Vermeulen.

Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.