Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CBB:2025:209 ECLI:NL:CBB:2025:209 AI generated

ECLI:NL:CBB:2025:209 · College van Beroep voor het bedrijfsleven

Case Number ECLI:NL:CBB:2025:209
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummers: 23/1769, 23/1770 en 23/1771 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de meervoudige kamer van 10 maart 2025 Rechters: mr. R.W.L. Koopmans, mr. B. Bastein en mr. W.J.A.M. Brussel Griffier: mr. J.M. Baars Partijen [naam] , te [woonplaats] (onderneming) (gemachtigden: mr. D.N. Broerse en mr. F.M. van der Laan) en de minister van Economische Zaken (gemachtigde: mr. H.G.M. Wammes) Beslissing Het College: verklaart het beroep met zaaknummer 23/1771 niet-ontvankelijk; verklaart de beroepen met zaaknummers 23/1769 en 23/1770 ongegrond.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:CBB:2025:209 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: R.W.L. Koopmans, mr. B. Bastein en mr. W.J.A.M. Brussel Griffier: mr. J.M. Baars Partijen [naam] , te [woonplaats] (onderneming) (gemachtigden: mr. D.N. Broerse en mr. F.M. van der Laan) en de minister van Economische Zaken (gemachtigde: mr. H.G.M. Wammes) Beslissing Het College: verklaart het beroep met zaaknummer 23/1771 niet-ontvankelijk; verklaart de beroepen met zaaknummers 23/1769 en 23/1770 ongegrond.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummers: 23/1769, 23/1770 en 23/1771 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de meervoudige kamer van 10 maart 2025 Rechters: mr. R.W.L. Koopmans, mr. B. Bastein en mr. W.J.A.M. Brussel Griffier: mr. J.M. Baars Partijen [naam] , te [woonplaats] (onderneming) (gemachtigden: mr. D.N. Broerse en mr. F.M. van der Laan) en de minister van Economische Zaken (gemachtigde: mr. H.G.M. Wammes) Beslissing Het College: verklaart het beroep met zaaknummer 23/1771 niet-ontvankelijk; verklaart de beroepen met zaaknummers 23/1769 en 23/1770 ongegrond.

Overwegingen 1. Vast staat dat het tegen de twee besluiten van 6 april 2023 – waarbij de aan de onderneming op grond van de van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) voor respectievelijk het derde en vierde kwartaal van 2021 verleende subsidies zijn ingetrokken en de betaalde voorschotten zijn teruggevorderd – en het tegen het besluit van 31 maart 2022 – waarbij de subsidieaanvraag voor het eerste kwartaal van 2022 is afgewezen – gerichte bezwaarschrift na afloop van de bezwaartermijn is ingediend. Omdat volgens de minister geen sprake is van een verschoonbare termijnoverschrijding, heeft hij de bezwaren met de besluiten van 7 augustus 2023 (zaaknummer 23/1769), 31 juli 2023 (zaaknummer 23/1770) en 25 juli 2023 (zaaknummer 23/1771) niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen deze drie besluiten heeft de onderneming beroep ingesteld. Dat het beroep tegen het besluit van 25 juli 2023 (zaaknummer 23/1771) niet tijdig is ingesteld is niet in geschil. Zaaknummer 23/1771 2 Hoewel het College begrip heeft voor de aangevoerde omstandigheden, ziet het daarin geen grond voor het oordeel dat de overschrijding van de beroepstermijn niet aan de onderneming kan worden toegerekend. Van bijzondere omstandigheden die maken dat de onderneming verhinderd was om tijdig beroep in te stellen is niet gebleken. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.

Zaaknummers 23/1769 en 23/1770 3 Het College is van oordeel dat de minister de tegen de besluiten van 6 april 2023 gemaakte bezwaren terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard. De door de onderneming aangevoerde omstandigheden vormen geen aanleiding om te oordelen dat het voor haar onmogelijk was om binnen de bezwaartermijn (pro-forma) bezwaar te maken. Dat het (tegen de besluiten van 6 april 2023 gerichte) bezwaarschrift niet tijdig is ingediend, kan daarom aan de onderneming worden toegerekend. De beroepen zijn ongegrond. Zaaknummers 23/1769, 23/1770 en 23/1771 4 De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. w.g.

R.W.L. Koopmans w.g. J.M. Baars