Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CBB:2025:149 ECLI:NL:CBB:2025:149 AI generated

ECLI:NL:CBB:2025:149 · College van Beroep voor het bedrijfsleven

Case Number ECLI:NL:CBB:2025:149
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 23/1843 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de meervoudige kamer van 17 februari 2025 Rechters: mr. R.W.L. Koopmans, mr. B. Bastein en mr. W.J.A.M. van Brussel Griffier: mr. L.N. Foppen Partijen [naam 1] B.V., te [plaats] ( [naam 1] ), waarvoor aanwezig zijn [naam 2] en gemachtigde [naam 3] en de minister van Economische Zaken, waarvoor aanwezig zijn mr. M. Achalhi en C. Zieleman Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen 1. De minister heeft de subsidie van [naam 1] over het derde kwartaal van 2021 herzien en op nihil vastgesteld en te veel betaalde subsidie teruggevorderd, omdat de staatssteungrens voor de groep is overschreden. [naam 1] en haar moederonderneming [naam 4] B.V. ( [naam 4] ) behoren tot dezelfde groep.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:CBB:2025:149 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: Aan [naam 4] is tot en met tweede kwartaal van 2021 een subsidie verstrekt van € 225.000,-. De minister heeft daarbij het staatssteunplafond toegepast dat geldt voor ondernemingen die actief zijn in de primaire productie van landbouwproducten. 2 Het besluit van de minister over het toepasselijke staatssteunplafond [naam 2] staat in rechte vast. Het College komt daarom niet toe aan een beoordeling van het betoog dat bij [naam 4] niet het juiste staatssteunplafond is toegepast. Tussen partijen is verder niet in geschil dat [naam 1] actief is in de primaire productie van landbouwproducten.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 23/1843 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de meervoudige kamer van 17 februari 2025 Rechters: mr. R.W.L. Koopmans, mr. B. Bastein en mr. W.J.A.M. van Brussel Griffier: mr. L.N. Foppen Partijen [naam 1] B.V., te [plaats] ( [naam 1] ), waarvoor aanwezig zijn [naam 2] en gemachtigde [naam 3] en de minister van Economische Zaken, waarvoor aanwezig zijn mr. M. Achalhi en C. Zieleman Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen 1. De minister heeft de subsidie van [naam 1] over het derde kwartaal van 2021 herzien en op nihil vastgesteld en te veel betaalde subsidie teruggevorderd, omdat de staatssteungrens voor de groep is overschreden. [naam 1] en haar moederonderneming [naam 4] B.V. ( [naam 4] ) behoren tot dezelfde groep.

Aan [naam 4] is tot en met tweede kwartaal van 2021 een subsidie verstrekt van € 225.000,-. De minister heeft daarbij het staatssteunplafond toegepast dat geldt voor ondernemingen die actief zijn in de primaire productie van landbouwproducten. 2 Het besluit van de minister over het toepasselijke staatssteunplafond [naam 2] staat in rechte vast. Het College komt daarom niet toe aan een beoordeling van het betoog dat bij [naam 4] niet het juiste staatssteunplafond is toegepast. Tussen partijen is verder niet in geschil dat [naam 1] actief is in de primaire productie van landbouwproducten.

Dat heeft tot gevolg dat er binnen het geldende staatssteunplafond van € 225.000,- geen ruimte meer is om aan [naam 1] subsidie te verstrekken. Het beroep is om die reden ongegrond. w.g. R.W.L. Koopmans w.g. L.N. Foppen