Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CBB:2024:941 ECLI:NL:CBB:2024:941 AI generated

ECLI:NL:CBB:2024:941 · College van Beroep voor het bedrijfsleven

Case Number ECLI:NL:CBB:2024:941
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummers: 23/1731, 23/1732 en 23/1733 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 december 2024 Rechter: mr. R.W.L. Koopmans Griffier: mr. I.E. van de Geest Partijen [naam 1] B.V., te [plaats] , waarvoor aanwezig zijn [naam 2] , [naam 3] en Y. van der Meulen en de minister van Economische Zaken, vertegenwoordigd door mr. T. Khidous en mr. S.F. Hu Beslissing Het College verklaart de beroepen ongegrond. Overweging De minister heeft de herzieningsverzoeken terecht afgewezen. Er zijn geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht. Ook is niet gebleken dat de afwijzing van de herzieningsverzoeken evident onredelijk is. Dit reeds omdat op voorhand niet gebleken is dat de besluiten over Q2 van 2021, Q3 van 2021 en Q1 van 2022 onjuist zijn. w.g. R.W.L. Koopmans w.g. I.E. van de Geest

Legislator headnote

AI generated

artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:CBB:2024:941 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: R.W.L. Koopmans Griffier: mr. I.E. van de Geest Partijen [naam 1] B.V., te [plaats] , waarvoor aanwezig zijn [naam 2] , [naam 3] en Y. van der Meulen en de minister van Economische Zaken, vertegenwoordigd door mr. T. Khidous en mr. S.F. Hu Beslissing Het College verklaart de beroepen ongegrond. Overweging De minister heeft de herzieningsverzoeken terecht afgewezen. Er zijn geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht. Ook is niet gebleken dat de afwijzing van de herzieningsverzoeken evident onredelijk is. Dit reeds omdat op voorhand niet gebleken is dat de besluiten over Q2 van 2021, Q3 van 2021 en Q1 van 2022 onjuist zijn. w.g. R.W.L. Koopmans w.g. I.E. van de Geest

Keywords

AI generated
artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht
Er zijn geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummers: 23/1731, 23/1732 en 23/1733 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 december 2024 Rechter: mr. R.W.L. Koopmans Griffier: mr. I.E. van de Geest Partijen [naam 1] B.V., te [plaats] , waarvoor aanwezig zijn [naam 2] , [naam 3] en Y. van der Meulen en de minister van Economische Zaken, vertegenwoordigd door mr. T. Khidous en mr. S.F. Hu Beslissing Het College verklaart de beroepen ongegrond. Overweging De minister heeft de herzieningsverzoeken terecht afgewezen. Er zijn geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden als bedoeld in artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht. Ook is niet gebleken dat de afwijzing van de herzieningsverzoeken evident onredelijk is. Dit reeds omdat op voorhand niet gebleken is dat de besluiten over Q2 van 2021, Q3 van 2021 en Q1 van 2022 onjuist zijn. w.g. R.W.L. Koopmans w.g. I.E. van de Geest