Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CBB:2024:356 ECLI:NL:CBB:2024:356 AI generated

ECLI:NL:CBB:2024:356 · College van Beroep voor het bedrijfsleven

Case Number ECLI:NL:CBB:2024:356
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 23/392 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 april 2024 Rechter: mr. B. Bastein Griffier: mr. A.M. Slierendrecht Partijen [naam 1] , handelend onder de naam [naam 2] , te [plaats] , (de ondernemer), waarvoor aanwezig is [naam 3] en de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. S. Piron en W. Dam Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen De ondernemer heeft volgens de inschrijving in het handelsregister één onderneming, een eenmanszaak.

Legislator headnote

AI generated

ECLI:NL:CBB:2024:356 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: B. Bastein Griffier: mr. A.M. Slierendrecht Partijen [naam 1] , handelend onder de naam [naam 2] , te [plaats] , (de ondernemer), waarvoor aanwezig is [naam 3] en de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. S. Piron en W. Dam Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen De ondernemer heeft volgens de inschrijving in het handelsregister één onderneming, een eenmanszaak.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 23/392 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 april 2024 Rechter: mr. B. Bastein Griffier: mr. A.M. Slierendrecht Partijen [naam 1] , handelend onder de naam [naam 2] , te [plaats] , (de ondernemer), waarvoor aanwezig is [naam 3] en de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. S. Piron en W. Dam Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen De ondernemer heeft volgens de inschrijving in het handelsregister één onderneming, een eenmanszaak.

De omzet van de eenmanszaak in de subsidieperiode en de referentieperiode volgt uit de aangiften omzetbelasting. De minister heeft deze aangiften omzetbelasting terecht als uitgangspunt genomen bij het bepalen van het omzetverlies. Dat de ondernemer verschillende bedrijfsactiviteiten heeft ontplooid en twee verschillende omzetbelastingnummers aan zijn eenmanszaak heeft verbonden, leidt niet tot een ander oordeel. Binnen de systematiek van de TVL kan hiermee geen rekening worden gehouden. Er is daarom geen reden om de omzet van [naam 4] buiten beschouwing te laten.

De minister heeft de TVL-subsidie voor het vierde kwartaal van 2020 terecht vastgesteld op € 8.443,22. w.g. B. Bastein w.g. A.M. Slierendrecht