Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CBB:2023:569 ECLI:NL:CBB:2023:569 AI generated

ECLI:NL:CBB:2023:569 · College van Beroep voor het bedrijfsleven

Case Number ECLI:NL:CBB:2023:569
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 23/929 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 oktober 2023 op het verzet van [naam] , te [plaats] (de ondernemer) (gemachtigde: T.G.B. Leferink) Procesverloop De ondernemer heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de minister voor Klimaat en Energie over een investeringssubsidie voor duurzame energie en energiebesparing. Met de uitspraak van 15 augustus 2023 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht, artikel 6:11 van de Awb; ECLI:NL:CBB:2023:569 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: Leferink) Procesverloop De ondernemer heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de minister voor Klimaat en Energie over een investeringssubsidie voor duurzame energie en energiebesparing. Met de uitspraak van 15 augustus 2023 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

Keywords

AI generated
artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht artikel 6:11 van de Awb

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht
Met de uitspraak van 15 augustus 2023 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
artikel 6:11 van de Awb
Zoals in de uitspraak van 15 augustus 2023 is overwogen moet het College dan toepassing geven aan zijn in artikel 6:11 van de Awb besloten liggende verplichting het beroep niet-ontvankelijk te verklaren.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 23/929 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 oktober 2023 op het verzet van [naam] , te [plaats] (de ondernemer) (gemachtigde: T.G.B. Leferink) Procesverloop De ondernemer heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de minister voor Klimaat en Energie over een investeringssubsidie voor duurzame energie en energiebesparing. Met de uitspraak van 15 augustus 2023 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

Tegen de uitspraak van 15 augustus 2023 heeft de ondernemer verzet gedaan. Overwegingen 1. Het College heeft het beroep niet-ontvankelijk verklaard, omdat het beroepschrift te laat is ingediend en de termijnoverschrijding niet verschoonbaar (verontschuldigbaar) is. 2 De ondernemer heeft in verzet herhaald dat het beroepschrift al met een niet aangetekend verzonden brief van 15 december 2022, en daarmee binnen de termijn, aan het College is gezonden. Het beroepschrift moet bij PostNL of het College zijn zoekgeraakt. 3 Het College ziet geen grond waarom de uitspraak van 15 augustus 2023 niet juist zou zijn.

De keuze voor niet aangetekende verzending komt voor risico van de ondernemer. Er is geen bewijs van terpostbezorging. Zoals in de uitspraak van 15 augustus 2023 is overwogen moet het College dan toepassing geven aan zijn in artikel 6:11 van de Awb besloten liggende verplichting het beroep niet-ontvankelijk te verklaren. 4 Het verzet is ongegrond. Dat betekent dat het beroep niet inhoudelijk wordt behandeld en de zaak met deze uitspraak is geëindigd. 5 De minister hoeft geen proceskosten van het verzet te vergoeden. Beslissing Het College verklaart het verzet ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. T.G.M. Simons, in aanwezigheid van mr. S. van Noordt, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 3 oktober 2023. w.g. T.G.M. Simons w.g. S. van Noordt