ECLI:NL:CBB:2023:415 · College van Beroep voor het bedrijfsleven
Legislator summary
AI generatedproces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 22/1766 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 augustus 2023 Raadsheer: mr R.W.L. Koopmans Griffier: mr L. ten Hove Partijen [naam 1] B.V., gevestigd te [plaats] , (de onderneming), voor wie is verschenen [naam 2] , en de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. H.G.M. Wammes en mr. S.F. Hu. Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen 1. Niet in geschil is dat de aanvraag om TVL-subsidie voor het eerste kwartaal (Q1) van 2022 te laat is ingediend. De TVL-regeling bepaalt dat de aanvraag dan moet worden afgewezen.
Legislator headnote
AI generatedECLI:NL:CBB:2023:415 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: Koopmans Griffier: mr L. ten Hove Partijen [naam 1] B.V., gevestigd te [plaats] , (de onderneming), voor wie is verschenen [naam 2] , en de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. H.G.M. Wammes en mr. S.F. Hu. Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen 1. Niet in geschil is dat de aanvraag om TVL-subsidie voor het eerste kwartaal (Q1) van 2022 te laat is ingediend. De TVL-regeling bepaalt dat de aanvraag dan moet worden afgewezen.
Full text
proces-verbaal uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 22/1766 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 augustus 2023 Raadsheer: mr R.W.L. Koopmans Griffier: mr L. ten Hove Partijen [naam 1] B.V., gevestigd te [plaats] , (de onderneming), voor wie is verschenen [naam 2] , en de minister van Economische Zaken en Klimaat, vertegenwoordigd door mr. H.G.M. Wammes en mr. S.F. Hu. Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Overwegingen 1. Niet in geschil is dat de aanvraag om TVL-subsidie voor het eerste kwartaal (Q1) van 2022 te laat is ingediend. De TVL-regeling bepaalt dat de aanvraag dan moet worden afgewezen.
2. Dat de onderneming heeft gewacht met het doen van de aanvraag totdat de omzetcijfers van Q1 vaststonden, maakt niet dat de minister moet afwijken van de dwingend rechtelijke afwijzingsgrond.
3. De onderneming heeft op advies van haar accountant gewacht met het doen van de aanvraag. Dit komt voor rekening en risico van de onderneming. Uit de stukken blijkt voorts dat op de website van RVO, maar ook in de Nederlandse Horecagids, de einddatum van de aanvraagtermijn uitdrukkelijk is vermeld. w.g. R.W.L. Koopmans w.g. L. ten Hove