Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CBB:2023:166 ECLI:NL:CBB:2023:166 AI generated

ECLI:NL:CBB:2023:166 · College van Beroep voor het bedrijfsleven

Case Number ECLI:NL:CBB:2023:166
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 22/1590 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 maart 2023 op het verzet van [naam] B.V., te [woonplaats] (de onderneming) Procesverloop De onderneming heeft beroep ingesteld tegen de beslissing op bezwaar van de minister van Economische Zaken en Klimaat van 11 juli 2022. Bij uitspraak van 6 december 2022 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht, dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Op 26 januari 2023 heeft de onderneming tegen de uitspraak van 6 december 2022 verzet gedaan. Overwegingen 1. De termijn voor het doen van verzet is zes weken na verzending van de uitspraak van 6 december 2022. De laatste dag waarop tijdig verzet kon worden gedaan was dus 17 januari 2023. Het verzetschrift is daarmee te laat ingediend. De gedingtukken bieden geen aanknopingspunt om te oordelen dat de termijnoverschrijding verschoonbaar (verontschuldigbaar) is. Het verzet is daarom niet-ontvankelijk.

Legislator headnote

AI generated

artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:CBB:2023:166 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: Bij uitspraak van 6 december 2022 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht, dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Op 26 januari 2023 heeft de onderneming tegen de uitspraak van 6 december 2022 verzet gedaan. Overwegingen 1. De termijn voor het doen van verzet is zes weken na verzending van de uitspraak van 6 december 2022. De laatste dag waarop tijdig verzet kon worden gedaan was dus 17 januari 2023. Het verzetschrift is daarmee te laat ingediend. De gedingtukken bieden geen aanknopingspunt om te oordelen dat de termijnoverschrijding verschoonbaar (verontschuldigbaar) is. Het verzet is daarom niet-ontvankelijk.

Keywords

AI generated
artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht
Bij uitspraak van 6 december 2022 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht, dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 22/1590 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 28 maart 2023 op het verzet van [naam] B.V., te [woonplaats] (de onderneming) Procesverloop De onderneming heeft beroep ingesteld tegen de beslissing op bezwaar van de minister van Economische Zaken en Klimaat van 11 juli 2022. Bij uitspraak van 6 december 2022 heeft het College met toepassing van artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht, dus zonder zitting, het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Op 26 januari 2023 heeft de onderneming tegen de uitspraak van 6 december 2022 verzet gedaan. Overwegingen 1. De termijn voor het doen van verzet is zes weken na verzending van de uitspraak van 6 december 2022. De laatste dag waarop tijdig verzet kon worden gedaan was dus 17 januari 2023. Het verzetschrift is daarmee te laat ingediend. De gedingtukken bieden geen aanknopingspunt om te oordelen dat de termijnoverschrijding verschoonbaar (verontschuldigbaar) is. Het verzet is daarom niet-ontvankelijk.

2. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing Het College verklaart het verzet niet-ontvankelijk. Deze uitspraak is gedaan door mr. T.G.M. Simons, in aanwezigheid van D.A. Bohlmeijer, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 28 maart 2023. w.g. T.G.M. Simons w.g. D.A. Bohlmeijer