Legislator Case Law & Legislation
ECLI:NL:CBB:2021:450 ECLI:NL:CBB:2021:450 AI generated

ECLI:NL:CBB:2021:450 · College van Beroep voor het bedrijfsleven

Case Number ECLI:NL:CBB:2021:450
Court / Authority
Jurisdiction Netherlands (NL)
Decision Date

Legislator summary

AI generated

uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 20/892 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 april 2021 in de zaak tussen [naam 1] h.o.d.n. [naam 2] , te [plaats] , appellant, en de minister van Economische Zaken en Klimaat, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 12 juni 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder naar aanleiding van een door appellant ingediende Melding ontbrekende SBI-code geweigerd appellant een tegemoetkoming te verstrekken op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 (Beleidsregel). Bij besluit van 31 augustus 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van appellant ongegrond verklaard. Met toestemming van partijen is afgezien van een behandeling ter zitting, waarna het College het onderzoek met toepassing van artikel 8:57, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht heeft gesloten. Overwegingen Aanleiding van deze procedure 1. Appellant heeft een Melding ontbrekende SBI-code ingediend.

Legislator headnote

AI generated

artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht; ECLI:NL:CBB:2021:450 · College van Beroep voor het bedrijfsleven: Standpunt appellant 4. Appellant voert ten eerste aan dat in de beslissing op bezwaar een onjuiste SBI-code is genoemd waar appellant onder zou vallen. Bij de oprichting van de wijngaard was het nog niet mogelijk om ook de SBI-code 11.02 (vervaardigen van wijn uit druiven) te registreren, zodat alleen de code 01.12 (druiventeelt) is geregistreerd. Andere wijnboeren, die later zijn gestart met hun bedrijf, en wel de SBI-code 11.02 konden registreren, hebben wel recht op de tegemoetkoming. Verder voert appellant aan dat verweerder voorbij gaat aan de bedoeling van de Beleidsregel.

Keywords

AI generated
artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht

Cited Legislation

AI generated
artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht
Met toepassing van artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht passeert het College dit gebrek.

Cited Case Law

AI generated
ECLI:NL:CBB:2020:992
uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 20/790 uitspraak van de meervoudige kamer van 22 december 2020 in de zaak tussen [naam 1] B.V., te [plaats] , appellante en de minister van Economische Zaken en Klimaat, verweerder (gemachtigden: mr. C.J.M. Daniels, mr. R.A. van der Voort en mr. R.E. Groenewold). Procesverloop Bij besluit van 29 mei 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van appellante voor een tegemoetkoming van € 4.000,- op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 afgewezen.
ECLI:NL:CBB:2020:993
uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 20/624 uitspraak van de meervoudige kamer van 22 december 2020 in de zaak tussen [naam 1] B.V., te [plaats] , appellante en de minister van Economische Zaken en Klimaat, verweerder (gemachtigden: mr. C.J.M. Daniels, mr. R.A. van der Voort en mr. R.E. Groenewold) Procesverloop Bij besluit van 19 mei 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder de aanvraag van appellante voor een tegemoetkoming van € 4.000,- op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 afgewezen.
ECLI:NL:CBB:2020:994
uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 20/625 uitspraak van de meervoudige kamer van 22 december 2020 in de zaak tussen [naam 1] B.V., te [plaats] , appellante (gemachtigde: mr.
ECLI:NL:CBB:2020:995
uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN Zaaknummer: 20/821 uitspraak van de meervoudige kamer van 22 december 2020 in de zaak tussen [naam 1] , h.o.d.n.

Need to analyze how this precedent applies to your matter?

Cross-reference this judgment against statutes, commentaries, and subsequent citing case law inside Legislator AI.

Open in Legislator →

Full text

uitspraak COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN zaaknummer: 20/892 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 april 2021 in de zaak tussen [naam 1] h.o.d.n. [naam 2] , te [plaats] , appellant, en de minister van Economische Zaken en Klimaat, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 12 juni 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder naar aanleiding van een door appellant ingediende Melding ontbrekende SBI-code geweigerd appellant een tegemoetkoming te verstrekken op grond van de Beleidsregel tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 (Beleidsregel). Bij besluit van 31 augustus 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van appellant ongegrond verklaard. Met toestemming van partijen is afgezien van een behandeling ter zitting, waarna het College het onderzoek met toepassing van artikel 8:57, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht heeft gesloten. Overwegingen Aanleiding van deze procedure 1. Appellant heeft een Melding ontbrekende SBI-code ingediend.

2. Over de onderneming van appellant was op 15 maart 2020 in het handelsregister van de Kamer van Koophandel (KvK) de SBI-code 01.21 (teelt van druiven) opgenomen, en als bedrijfsomschrijving ‘wijngaard’.

3. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen. Bij het bestreden besluit heeft verweerder beoordeeld dat de bedrijfsomschrijving niet onder een andere SBI-code in Bijlage 1 is te brengen. De SBI-code waarmee appellant wel is geregistreerd, staat terecht niet in Bijlage 1 van de Beleidsregel en is bij recente wijzingen van Bijlage 1 niet meegenomen. Dat appellant feitelijk andere werkzaamheden verricht maakt dit niet anders. Van bijzondere omstandigheden die maken dat verweerder ten gunste van appellant moet afwijken van de Beleidsregel is niet gebleken, aldus verweerder.

Standpunt appellant 4. Appellant voert ten eerste aan dat in de beslissing op bezwaar een onjuiste SBI-code is genoemd waar appellant onder zou vallen. Bij de oprichting van de wijngaard was het nog niet mogelijk om ook de SBI-code 11.02 (vervaardigen van wijn uit druiven) te registreren, zodat alleen de code 01.12 (druiventeelt) is geregistreerd. Andere wijnboeren, die later zijn gestart met hun bedrijf, en wel de SBI-code 11.02 konden registreren, hebben wel recht op de tegemoetkoming. Verder voert appellant aan dat verweerder voorbij gaat aan de bedoeling van de Beleidsregel.

Het doel is om de bedrijven die het hardst zijn geraakt door het coronavirus te compenseren. Appellant valt onder deze hard geraakte bedrijven en heeft financiële schade opgelopen. Beoordeling door het College 5. Het College heeft verschillende uitspraken gedaan over de Beleidsregel. Het College verwijst naar de uitspraken van 22 december 2020 (ECLI:NL:CBB:2020:992, ECLI:NL:CBB:2020:993, ECLI:NL:CBB:2020:994 en ECLI:NL:CBB:2020:995). Daarin is onder meer opgenomen dat de Beleidsregel moet worden aangemerkt als buitenwettelijk begunstigend beleid.

Dit houdt in dat de rechter alleen kan toetsen of het beleid op consistente wijze is toegepast.

6. Net als in genoemde uitspraken heeft verweerder zijn beleid in dit geval op consistente wijze toegepast. In het geval van appellant heeft verweerder de aanvraag voor een tegemoetkoming op grond van de Beleidsregel dan ook terecht afgewezen omdat de SBI-code waaronder appellant op 15 maart 2020 was geregistreerd, niet is vermeld in Bijlage 1.

7. Bij toepassing van de Beleidsregel toetst verweerder ook of de bedrijfsomschrijving, zoals die op de peildatum was geregistreerd, aanknopingspunten biedt voor een daarbij passende SBI-code die wel op de lijst in die Bijlage is vermeld. Verweerder heeft terecht geconstateerd dat daar in dit geval geen sprake van is. Ook in zoverre heeft verweerder zijn beleid consistent toegepast.

8. Alhoewel verweerder, zoals appellant terecht stelt, een onjuiste SBI-code heeft genoemd in de beslissing op bezwaar, heeft verweerder dat verbeterd en gemotiveerd in het verweerschrift. Aannemelijk is dat dit gebrek appellant niet heeft benadeeld. Met toepassing van artikel 6:22 van de Algemene wet bestuursrecht passeert het College dit gebrek. Conclusie 9. Het beroep tegen het bestreden besluit is ongegrond. Voor een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding. Beslissing Het College verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. B. Bastein, in aanwezigheid van J.S. Nooren, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 26 april 2021. de voorzitter is verhinderd de de griffier is verhinderd de uitspraak te ondertekenen uitspraak te ondertekenen