Court dismisses appeal against municipal traffic zone regulation due to lack of legal interest after new regulation adopted.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Court of State rejected the appeal seeking annulment of a municipal traffic regulation regarding local traffic zones. The plaintiff parties failed to demonstrate that annulment would provide them with any advantage, as the municipality had already adopted a new regulation on October 24, 2024. Consequently, the court ruled the appeal inadmissible due to the absence of a sufficient legal interest.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticles 10 and 11 of the Code of Administrative Justice; A claim for annulment is inadmissible if the applicant cannot demonstrate that the annulment would confer a concrete advantage, particularly when a subsequent administrative act renders the original decision moot.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE Xe KAMER
nr. 265.167 van 12 december 2025
in de zaak A. 243.018/X-18.845
In zake : 1. de NV B.A.
2. M.V.
3. P.H.
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Dominique Blommaert, Günther L’heureux en Kris Wauters kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 187
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen:
de STAD GENT
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Thomas Eyskens en Maartje Jongbloet kantoor houdend te 1000 Brussel Bischoffsheimlaan 33
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 20 september 2024, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de stad Gent van 25 juli 2024 houdende “2024_CBS_07665 Nieuw aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer – gemeenteweg – Afbakening zones ‘uitgezonderd plaatselijk verkeer’ op grondgebied Gent – nieuwe verkeersmaatregelen – Vaststelling”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend.
X-18.845-1/3
Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een verslag opgesteld overeenkomstig artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 5 december 2025.
Kamervoorzitter Jan Clement heeft verslag uitgebracht.
Advocaat Günther L’heureux, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Maartje Jongbloet, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.
Adjunct-auditeur Evelien De Taeye heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Kortedebattenprocedure – opheffing van het bestreden besluit
3.1. Het bestreden besluit wordt opgeheven met een besluit van het college van burgemeester en schepenen van de stad Gent van 24 oktober 2024, dat meteen ook een nieuw aanvullend verkeersreglement “Nieuw aanvullend reglement van de politie op het wegverkeer – gemeenteweg – Afbakening zones Uitgezonderd plaatselijk verkeer op grondgebied Gent – nieuwe verkeersmaatregel – Vaststelling” vaststelt. Dit laatste besluit wordt door de verzoekende partij niet aangevochten.
De verzoekende partijen lichten niet toe dat een nietigverklaring van het bestreden besluit hen nog een voordeel had kunnen bijbrengen.
X-18.845-2/3
3.2. Er blijkt dan ook niet dat er nog langer voldaan is aan het belangvereiste. Het beroep moet om die reden als onontvankelijk verworpen worden.
IV. Kosten
4. In de gegeven omstandigheden past het de kosten van het beroep ten laste van de verwerende partij te leggen, inbegrepen een rechtsplegingsvergoeding ten voordele van de verzoekende partijen.
BESLISSING
1. De Raad van State verwerpt het beroep.
2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 600 euro, een bijdrage van 24 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 770 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partijen gezamenlijk.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, op twaalf december tweeduizend vijfentwintig, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit:
Jan Clement, kamervoorzitter bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier.
De griffier De voorzitter
Silvan De Clercq Jan Clement
X-18.845-3/3
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2025:ARR.265.167