Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.304 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.304 Généré par l'IA

Belgian court dismisses administrative appeal when plaintiff formally withdraws the legal action before final judgment.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.304
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State formally recorded the plaintiff's withdrawal of the administrative lawsuit regarding the transfer of a breakwater management contract. The plaintiff had previously sought annulment of the decision transferring the infrastructure from the Flemish Region to the Port of Gent. Consequently, the court dismissed the appeal and ordered all parties to bear their respective legal costs.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 10 and 11 of the Code of Administrative Justice: A party may withdraw an administrative appeal at any time before the judgment is pronounced, resulting in the dismissal of the appeal and the allocation of costs.

Mots-clés

Généré par l'IA
withdrawal of appeal administrative justice Code of Administrative Justice costs allocation procedural termination annulment action Flemish Region transfert d'entreprise

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Articles 10 and 11 of the Code of Administrative Justice
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER

nr. 243.304 van 20 december 2018

in de zaak A. 217.464/XII-8637

In zake: de NV RÜTGERS BELGIUM, thans de BVBA RAIN CARBON

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Eric Van Hooydonk kantoor houdend te 2000 Antwerpen Emiel Banningstraat 21-23

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

het VLAAMSE GEWEST

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frederik Vandendriessche, Leen De Vuyst en Arne Carton kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25

bij wie woonplaats wordt gekozen

Tussenkomende partij:

het HAVENBEDRIJF GENT

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frederik Vandendriessche, Leen De Vuyst en Arne Carton kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 2 november 2015, strekt tot de nietig-

verklaring van “de beslissing om het beheer van de kaaimuur/aanmeer-

infrastructuur aan het bedrijfsterrein van Rütgers Belgium over te dragen van het Vlaams Gewest naar het Havenbedrijf Gent”;

XII-8637-1/3

II. Verloop van de rechtspleging

2. Bij arrest nr. 234.191 van 22 maart 2016 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen.

De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.

De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.

De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend.

Auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 11 december 2018.

Staatsraad Johan Bovin heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Joris Van Raemdonck, die loco advocaat Eric Van Hooydonk verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Cilia Mathieu, die verschijnt voor de verwerende en de tussenkomende partij , zijn gehoord.

Auditeur Ines Martens heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

XII-8637-2/3

III. Afstand van geding

3. De verzoekende partij heeft met een brief van 17 september 2018 aan de Raad van State medegedeeld dat zij afstand van het geding doet.

BESLISSING

1. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.

2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro.

De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op een rolrecht van 150 euro.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 20 december 2018, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:

Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier.

De griffier De voorzitter

Silja Doms Johan Bovin

XII-8637-3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.304