Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.262 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.262 Généré par l'IA

Court dismisses appeal due to withdrawal; parties agree to drop litigation regarding port infrastructure transfer.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.262
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State formally recorded the withdrawal of the plaintiff's appeal and dismissed the associated costs claim. The plaintiff voluntarily abandoned the request to annul the transfer of port infrastructure management and the termination of the usage permit. Consequently, the court ruled that no further judicial intervention was necessary as all parties agreed to discontinue the proceedings.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 10 and 11 of the Code of Administrative Justice: When a party withdraws their appeal, the court records the withdrawal and dismisses the case, thereby ending the litigation without a substantive ruling on the merits.

Mots-clés

Généré par l'IA
withdrawal of appeal discontinuation of proceedings administrative litigation costs of litigation port infrastructure transfer annulment action Council of State transfert d'entreprise

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Articles 10 and 11 of the Code of Administrative Justice
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER

nr. 243.262 van 18 december 2018

in de zaak A. 216.301/XIV-36.532

In zake : de NV RÜTGERS BELGIUM, thans de BVBA RAIN CARBON

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Eric Van Hooydonk kantoor houdend te 2000 Antwerpen Emiel Banningstraat 21-23

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen :

het VLAAMSE GEWEST

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frederik Vandendriessche, Leen De Vuyst en Arne Carton kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25

bij wie woonplaats wordt gekozen

Tussenkomende partij :

HAVENBEDRIJF GENT

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Frederik Vandendriessche, Leen De Vuyst en Arne Carton kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 29 juni 2015, strekt tot de nietigverklaring van:

XIV-36.532-1/4

1. de beslissing om het beheer van de kaaimuur/aanmeerinfrastructuur en de ligplaatsen aan het bedrijfsterrein van Rütgers Belgium over te dragen van het Vlaams Gewest naar het Havenbedrijf Gent; en 2. de beslissing om vergunning nr. 54118, waarbij Rütgers Belgium wordt gemachtigd om deze infrastructuur privatief te gebruiken, te beëindigen.

II. Verloop van de rechtspleging

2. Bij arrest nr. é.450 van 12 januari 2016 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen en werd de tussenkomst van HAVENBEDRIJF GENT toegestaan.

De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.

De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.

De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend.

Auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 12 december 2018.

Staatsraad Kaat Leus heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Joris Van Raemdonck, die loco advocaat Eric Van Hooydonck verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Cilia Mathieu, die loco advocaten Frederik Van Den Driessche, Leen De Vuyst en Arne

XIV-36.532-2/4

Carton verschijnt voor de verwerende partij en voor de tussenkomende partij, zijn gehoord.

Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Eylenbosch heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Verzoek tot afstand

3. Met een gemeenschappelijke brief van 17 september 2018 laten alle partijen in het geding weten dat de verzoekende partij afstand doet van zijn beroep en de verwerende partij alsook de tussenkomende partij niet aandringen op een veroordeling van de verzoekende partij tot een rechtsplegingsvergoeding.

BESLISSING

1. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.

2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 400 euro.

XIV-36.532-3/4

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achttien december tweeduizend achttien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit:

Kaat Leus, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, bijgestaan door Johan Pas, griffier.

De griffier De voorzitter

Johan Pas Kaat Leus

XIV-36.532-4/4

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.262