Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.042 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.042 Généré par l'IA

Court annuls vocational guidance certificate decision due to failure to address student's grievances properly.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.042
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Partiellement admis (Partially Allowed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State annulled the vocational guidance certificate decision and ordered a new review within ten working days. The student argued the internal committee failed to address his grievances, while the school board claimed no new elements could be found. The court ruled that the committee must independently re-examine both the legality and appropriateness of the decision to ensure a stable outcome.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 93 and 12 of the Rules of Procedure for the Administrative Law Division of the Council of State; An administrative decision must address all substantive grievances raised by the applicant, and a failure to do so requires annulment and a new decision.

Mots-clés

Généré par l'IA
vocational guidance certificate administrative annulment grievance handling internal committee review student rights protection procedural fairness re-examination order échec définitif aux examens

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 93, first paragraph, of the Rules of Procedure for the Administrative Law Division of the Council of State
Article 12 of the Royal Decree of 5 December 1991 on the procedure for summary proceedings before the Council of State
Article 36 of the Coordinated Rules of Procedure for the Council of State
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE IXe KAMER

nr. 243.042 van 26 november 2018

in de zaak A. 225.865/IX-9346

In zake: Rob SCHREURS

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Chris Schijns en Mathieu Cilissen kantoor houdend te 3600 Genk Grotestraat 122

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

de VZW TECHNISCH ONDERWIJS BISDOM HASSELT

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Luc Forier en Frank Goossens kantoor houdend te 3680 Maaseik Bleumerstraat 48

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp

1. Het verzoekschrift, ingediend op 22 augustus 2018, strekt tot de nietigverklaring en de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing van de beroepscommissie van de vzw Technisch Onderwijs Bisdom Hasselt van 6 juli 2018 waarbij aan Rob Schreurs een oriënteringsattest C is toegekend.

II. Verloop van de rechtspleging

2. De verwerende partij heeft een nota ingediend.

Eerste auditeur-afdelingshoofd Diane Mareen heeft een verslag opgesteld over het beroep tot nietigverklaring met toepassing van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de

IX-9346-1/7

rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟ en over de vordering tot schorsing met toepassing van artikel 12 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 „tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State‟.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 november 2018.

Kamervoorzitter Geert Van Haegendoren heeft verslag uitge-

bracht.

Advocaat Chris Schijns, die verschijnt voor de verzoekende partij en advocaat Frank Goossens, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.

Auditeur Jurgen Neuts heeft een met dit arrest eensluidend ad-

vies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge-

coördineerd op 12 januari 1973.

III. Feiten

3.1. Verzoeker is tijdens het schooljaar 2017-2018 leerling van het tweede jaar van de derde graad „industriële wetenschappen‟ (TSO) aan het Tech-

nisch Instituut Sint-Michiel te Bree, onderwijsinstelling die behoort tot de vzw Technisch Onderwijs Bisdom Hasselt.

3.2. De over verzoeker delibererende klassenraad beslist op het einde van het schooljaar om hem een oriënteringsattest C toe te kennen. Tegen deze

IX-9346-2/7

beslissing tekent verzoeker op 2 juli 2018 gemotiveerd bezwaar aan bij het schoolbestuur.

3.3. Op 6 juli 2018 beslist de beroepscommissie om het C-attest te behouden.

Met een brief van dezelfde datum stelt de voorzitter van het schoolbestuur verzoeker hiervan in kennis. Hij geeft daarbij als “[m]otivatie van de beslissing”:

“De interne beroepscommissie heeft geen bijkomende elementen kunnen vaststellen in het gesprek waar de klassenraad van 6 IW geen rekening heeft mee gehouden.”

3.4. Met een aangetekend schrijven van 24 juli 2018 vraagt verzoe-

ker de verwerende partij “om de beslissing van de interne beroepscommissie te herzien, de beroepsgrieven op hun merites te onderzoeken en een beslissing te nemen conform de formele als materiële motiveringsplicht” en om hem “een Oriënteringsattest A te verlenen, dan wel de mogelijkheid te bieden om via haal-

bare en rechtvaardige bijkomende proeven aan het einde van de zomervakantie hem de kans te geven de delibererende klassenraad een andere beslissing te laten nemen”.

De voorzitter van het schoolbestuur antwoordt hierop met een aangetekend schrijven van 30 juli 2018.

IV. Toepassing kortedebattenprocedure

Eerste middel

Standpunt van de partijen

4. Het eerste middel is onder meer geput uit de schending van de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 „betreffende de uitdrukkelijke moti-

IX-9346-3/7

vering van de bestuurshandelingen‟. Verzoeker betoogt dat de bestreden beslissing de motiveringsplicht miskent doordat enkel een vage en nietszeggende stijlformule wordt gehanteerd.

5. De verwerende partij verwijst in de nota met opmerkingen naar de brief van 30 juli 2018.

Beoordeling

6. Verzoeker heeft een gemotiveerd bezwaarschrift ingediend bij het schoolbestuur en mocht hierop een antwoord verwachten van de beroeps-

commissie.

In het administratief dossier is geen afschrift terug te vinden van die beslissing.

Wat verzoeker enkel vermocht te vernemen, namens de voor-

zitter van het schoolbestuur waarvan uit het dossier niet eens is af te leiden of hij lid is van de beroepscommissie, is de beslissing om het C-attest te handhaven omdat de beroepscommissie “geen bijkomende elementen” kon vaststellen.

Hierbij gaat de voorzitter van het schoolbestuur fataal voorbij aan de autonome bevoegdheid van de beroepscommissie om de zaak aan een nieuw onderzoek te onderwerpen dat zowel de wettigheid als de opportuniteit omvat en om daarbij in het bijzonder een antwoord te geven op de grieven van de leerling die, mochten ze gegrond zijn, tot een ander evaluatieresultaat zouden kunnen leiden.

Met wat de voorzitter aanvullend heeft meegedeeld op 30 juli 2018 mag de Raad geen rekening houden. Uit niets immers blijkt dat deze infor-

matie teruggaat op motieven die aan de beroepscommissie zijn toe te rekenen,

IX-9346-4/7

hetzij tijdens haar beraad op 6 juli 2018, hetzij tijdens een latere heroverweging van de zaak.

7. Het middel is gegrond.

Het auditoraat heeft terecht gemeend dat een kort debat volstaat om tot deze vaststelling te komen.

V. Vordering tot schorsing

8. De nietigverklaring van de bestreden beslissing heeft tot gevolg dat de door verzoeker ingestelde vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging ervan geen voorwerp meer heeft.

VI. Bevel

9. De hierna uit te spreken nietigverklaring houdt in dat de be-

roepscommissie een nieuwe beslissing moet nemen, gelet op het recht van ver-

zoeker op een vaststaande uitslag.

Er is reden om de op grond van artikel 36 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State ingestelde vordering van verzoeker bij te vallen dat in het arrest wordt bevolen dat die beslissing binnen de door verzoeker gevraagde termijn van tien werkdagen na de kennisgeving van dit arrest zou volgen.

VII. Schadevergoeding tot herstel

10. Met een verzoekschrift van 16 november 2018 vordert verzoeker een schadevergoeding tot herstel.

IX-9346-5/7

Voor deze vordering moeten de voorafgaande maatregelen worden afgehandeld conform artikel 25/3, § 2 en § 4, van het algemeen procedu-

rereglement.

BESLISSING

1. De Raad van State vernietigt de beslissing van de beroepscommissie van de vzw Technisch Onderwijs Bisdom Hasselt van 6 juli 2018 waarbij aan Rob Schreurs een oriënteringsattest C is toegekend.

2. De Raad van State beveelt dat de beroepscommissie binnen tien werkdagen na de kennisgeving van dit arrest samenkomt en een nieuwe beslissing neemt over het bezwaarschrift van Rob Schreurs.

3. De vordering tot schorsing wordt verworpen.

4. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de ver-

zoekende partij.

IX-9346-6/7

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 26 november 2018, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit:

Geert Van Haegendoren, kamervoorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier.

De griffier De voorzitter

Tiny Temmerman Geert Van Haegendoren

IX-9346-7/7

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.243.042