Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.895 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.895 Généré par l'IA

Administrative court dismisses short debate procedure and refers case to ordinary procedure due to lack of admissibility.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.895
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The administrative court dismissed the applicant's request to use the short debate procedure, ruling the appeal inadmissible because it failed to challenge the legality of the agency's decision. The applicant argued that the housing agency incorrectly rejected her objection to a rental offer based on her stated reason regarding her foster child. The court determined the case was not ready for a final decision and referred it to ordinary proceedings for a full examination.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 93 of the 1948 Regent's Decision; Article 10 of the Administrative Procedure Code: The short debate procedure is inapplicable when the applicant's request does not contain admissible legal remedies to demonstrate the illegality of the contested decision.

Mots-clés

Généré par l'IA
short debate procedure inadmissibility of appeal legality challenge administrative review housing allocation procedural referral motivation duty logement social

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 93 of the Regent's Decision of 23 August 1948
Article 10 of the Administrative Procedure Code
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE Xe KAMER

nr. 241.895 van 26 juni 2018

in de zaak A. 224.323/X-17.125.

In zake : Marie SCHILTZ

woonplaats kiezend te 8680 Koekelare Ringlaan 36

tegen :

het VLAAMSE GEWEST

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Walter Muls kantoor houdend te 1000 Brussel Antoine Dansaertstraat 92

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 12 december 2017, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing vervat in het schrijven dat Marie Shiltz vanwege het agentschap Wonen-Vlaanderen ontving met kenmerk 17/007388/EdD.

II. Verloop van de rechtspleging

2. Eerste auditeur Tom De Waele heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 8 juni 2018.

X-17.125-1/4

Kamervoorzitter Johan Lust heeft verslag uitgebracht.

Verzoekster die verschijnt en advocaat Walter Muls, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.

Eerste auditeur Tom De Waele heeft een met dit arrest andersluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Feiten

3. Met een brief van 24 juli 2017 bezorgt de sociale huisvestingsmaatschappij Vivendo verzoekster een “eerste aanbod als reservekandidaat” voor een nieuwbouwappartement met twee slaapkamers in de Sint-Annawijk 3 te Eernegem. In het vet gedrukt wordt erop gewezen dat zij en de leden van haar gezin wel nog dienen te voldoen aan de toelatingsvoorwaarden en de rationele bezetting.

Verzoekster plaatst op het betrokken aanbodformulier een kruisje naast “wens de aangeboden woonst niet te huren”: “Reden van weigering:

[pleegkind T.D.] woont niet meer bij mij”. Tevens kruist zij onder meer aan, in verband met de borgbetaling, een beroep te doen op het OCMW voor een schriftelijke borg.

Vivendo beslist de reden van de weigering als niet gegrond te beschouwen.

Op 8 november 2017 verwerpt het agentschap Wonen-

Vlaanderen verzoeksters bezwaar van 5 oktober 2017 hiertegen. Zij valt het

X-17.125-2/4

oordeel van Vivendo bij dat de door verzoekster opgegeven reden geen gegronde reden tot weigering is.

IV. Kortedebattenprocedure

4. In het auditoraatsverslag wordt voorgesteld het beroep te verwerpen met toepassing van de kortedebattenprocedure: het verzoekschrift is onontvankelijk omdat het “geen ontvankelijke rechtsmiddelen bevat om de onwettigheid van de bestreden beslissing aan te tonen”; verzoekster levert geen wettigheidskritiek tegen de beslissing van 8 november 2017 van het agentschap Wonen-Vlaanderen.

5. Verzoekster drukt in haar verzoekschrift de hoop uit dat de weigering van het agentschap Wonen-Vlaanderen met kenmerk 17/007388/EdD

wordt nietigverklaard. Volgens die beslissing is het bezwaar van verzoekster tegen de beslissing van Vivendo om haar reden van weigering van een eerste woningaanbod als ongegrond te beschouwen, ongegrond.

Verzoekster brengt tegen dit tweede “nee” in dat zij het woningaanbod niet heeft geweigerd, maar op het betrokken aanbodformulier heeft “aangekruist dat [zij] dit pand niet kon huren daar [haar] pleegkind niet meer bij [haar] woonde”. Zij verkeerde naar eigen zeggen in de “absolute overtuiging” dat zij als alleenstaande geen recht had op twee slaapkamers.

6. Blijkbaar doet verzoekster aldus gelden dat de bestreden beslissing berust op een verkeerde uitlegging en begrip van het door haar ingevulde aanbodformulier. Als zodanig beroept zij zich op een schending van de materiëlemotiveringsplicht, te weten de verplichting om te steunen op motieven die onder meer juist zijn.

7. In de gegeven omstandigheden komt de zaak voor niet gereed te zijn om definitief beslecht te worden en is er reden ze naar de gewone rechtspleging te verwijzen.

X-17.125-3/4

BESLISSING

1. Het debat wordt heropend.

2. De zaak worden verwezen naar de gewone rechtspleging.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zesentwintig juni 2018, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit:

Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier.

De griffier De voorzitter

Frank Bontinck Johan Lust.

X-17.125-4/4

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.895