Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.453 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.453 Généré par l'IA

Belgian court dismisses appeal for non-exhaustion of remedies due to missed response deadline.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.453
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State dismissed the applicants' request to annul the municipal council's approval of a road alignment. The applicants failed to submit a counter-memoir within the sixty-day statutory period, a procedural requirement for establishing standing. Consequently, the court found the applicants lacked the necessary interest to pursue the annulment, resulting in a rejection of their claims and an order to pay costs.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Article 21, second paragraph of the Council of State Rules; Article 14bis, paragraph 1 of the Regent's Decree of 23 August 1948: Failure to submit a counter-memoir within the prescribed period results in a finding of lack of interest, thereby dismissing the appeal.

Mots-clés

Généré par l'IA
lack of interest procedural deadline counter-memoir annulment appeal Council of State standing requirement costs order route communale

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 21, second paragraph of the Council of State Rules
Article 14bis, paragraph 1 of the Regent's Decree of 23 August 1948
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE Xe KAMER

nr. 241.453 van 8 mei 2018

in de zaak A. 222.907/X-16.995

In zake: 1. Frank VAN GELDER

2. Jeanine WEYERS

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Stijn Verbist en Pieter Thomaes kantoor houdend te 2000 Antwerpen Graaf van Hoornestraat 51

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

de STAD ANTWERPEN

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Annelies Verlinden en Thomas Sterckx kantoor houdend te 1050 Brussel Louizalaan 106

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 17 augustus 2017, strekt tot de nietigverklaring van “het besluit van 26 juni 2017 van de gemeenteraad van de stad Antwerpen houdende de goedkeuring van het wegenistracé Van der Sweepstraat, Namenstraat, Verviersstraat, Gentplaats, Wapenstraat, Waalsekaai”.

II. Verloop van de rechtspleging

2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan verzoekers ter kennis werd gebracht op 10 november 2017.

X-16.995- 1/3

Op 26 januari 2018 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoekers en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.

Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Beoordeling

3. Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt.

Bij het versturen aan de verzoekende partijen van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent.

De verzoekende partijen hebben geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent.

4. Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. De brief van 26 januari 2018

bevestigt dat.

X-16.995- 2/3

BESLISSING

1. De Raad van State verwerpt het beroep.

2. De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro en op een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verwerende partij.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van acht mei 2018, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit:

Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier.

De griffier De voorzitter

Frank Bontinck Johan Lust

X-16.995- 3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.453