Court dismisses appeal due to deemed withdrawal after 30 days without requesting procedure continuation following auditor's report.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State declared the applicant's withdrawal from the proceedings effective after failing to request continuation within 30 days of receiving the auditor's report. The applicant sought annulment of a pharmacy license granted to Paul Beeckman, but neither party requested the procedure continue after the auditor recommended dismissal. Consequently, the court ruled that the applicant had implicitly abandoned the case and ordered cost allocation accordingly.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticle 21, paragraph 7 of the coordinated Council of State statutes; Upon receipt of an auditor's report recommending dismissal, failure to request procedure continuation within 30 days constitutes a deemed withdrawal of the proceedings.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER
nr. 241.443 van 8 mei 2018
in de zaak A. 217.759/XIV-36.820
In zake: 1. de NV HELDO
2. Jan DHONDT
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Kurt Demeester kantoor houdend te 9030 Mariakerke Brugsesteenweg 378
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen:
de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Pierre Legros en Jérôme Sohier kantoor houdend te 1000 Brussel Emile De Motlaan 19
bij wie woonplaats wordt gekozen
Tussenkomende partij :
Paul BEECKMAN
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Rik Ascrawat kantoor houdend te 8630 Veurne Kaaiplaats 10
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 4 december 2015, strekt tot de nietigverklaring van “de ministeriële beslissing dd. 18.08.2015 getroffen door de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, met kantooradres te 1000 Brussel, Kruidtuinlaan 50 bus 175, waarbij aan de heer Paul Beeckman, wonende te 9420 Erpe-Mere, Keerstraat 193, een vergunning werd verleend tot XIV-36.820-1/4
opening van het voor het publiek opengestelde apotheek te 9420 Erpe-Mere (Bambrugge), Oudenaardsesteenweg 547.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend.
Paul Beeckman heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 9 februari 2016. De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend.
Auditeur Thomas Maes heeft een verslag opgesteld.
Dat verslag werd aan de verzoekende partijen ter kennis gebracht op 19 februari 2018.
Op 5 april 2018 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.
De verzoekende partijen hebben niet gevraagd om te worden gehoord.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
XIV-36.820-2/4
III. Beoordeling
3. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld.
Naar luid van artikel 21, zevende lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag.
De verzoekende partijen hebben geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
4. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing.
BESLISSING
1. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
2. De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, elk voor de helft, en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.
De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 150 euro.
XIV-36.820-3/4
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van acht mei tweeduizend achttien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit:
Kaat Leus, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier.
De griffier De voorzitter
Joris Casneuf Kaat Leus
XIV-36.820-4/4
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.443