Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.205 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.205 Généré par l'IA

Court dismisses urgent suspension request after administrative authority voluntarily withdraws the contested decision.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.205
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State dismissed the applicant's urgent request to suspend the execution of a decision awarding a public contract to NV Van Wellen. The administrative authority voluntarily withdrew the contested decision on the eve of the hearing, rendering the applicant's claim without subject matter. Consequently, the court ruled that the applicant had lost their interest in the proceedings and ordered the respondent to bear the associated costs.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 30/1 of the coordinated Council of State laws and Article 67 of the Regent's Decree of 23 August 1948; If an administrative authority withdraws the contested decision before the court's judgment, the applicant loses their interest in the proceedings and the court may dismiss the request while awarding costs to the respondent.

Mots-clés

Généré par l'IA
urgent suspension request withdrawal of contested decision loss of interest in proceedings public contract award costs allocation administrative law classement de la contravention routière exclusion du soumissionnaire suspension de l'assurance

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 30/1 of the coordinated Council of State laws
Article 67 of the Regent's Decree of 23 August 1948
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER

nr. 241.205 van 5 april 2018

in de zaak A. 224.820/XII-8523

In zake: de NV VBG

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Marie Vastmans en Anthony Poppe kantoor houdend te 1160 Brussel Tedescolaan 7

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

het VLAAMSE GEWEST

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Carlos De Wolf en Anthony Verheggen kantoor houdend te 9680 Maarkedal Etikhovestraat 6

I. Voorwerp van de vordering

1. De vordering, ingesteld op 20 maart 2018, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “[d]e beslissing van de administrateur-generaal van het Agentschap Wegen & Verkeer van het Vlaamse Gewest van 20 februari 2018 houdende wering van de offerte van [de nv VBG] als substantieel onregelmatig en tot gunning van de overheids-

opdracht voor werken „E19 Noord: structureel onderhoud tussen Brecht en Loenhout (rich NL)‟ aan de nv Van Wellen”.

XII-8523-1/3

II. Verloop van de rechtspleging

2. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 3 april 2018, om 10.00 uur.

Kamervoorzitter Dierk Verbiest heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Anthony Poppe, die in eigen naam en loco advocaat Marie Vastmans verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Wim Nysmans, die loco advocaat Anthony Verheggen verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.

Auditeur Ines Martens heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Intrekking van de bestreden beslissing

3.1. Met een beslissing van 26 maart 2018 van de administrateur-

generaal van het Agentschap Wegen en Verkeer is de bestreden beslissing ingetrokken.

3.2. De vordering is bijgevolg zonder voorwerp, minstens heeft de verzoekende partij haar belang bij de vordering verloren.

IV. Kosten

4.1. In de gegeven omstandigheden past het de kosten inzake het rolrecht ten laste van de verwerende partij te leggen.

4.2. Er is te dezen tevens grond om met toepassing van artikel 30/1

van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en van artikel 67 van het

XII-8523-2/3

besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟ de door de verzoekende partij gevraagde basisrechtsplegingsvergoeding van 700 euro toe te kennen, nu zij door de intrekking van de bestreden beslissing als de in het gelijk gestelde partij dient te worden beschouwd.

Deze kosten bestaan uit het rolrecht, de bijdrage overeenkomstig artikel 5, § 1, van de wet van 19 maart 2017 „tot oprichting van een Begrotingsfonds voor de juridische tweedelijnsbijstand‟ en de door de verzoekende partij gevraagde rechtsplegingsvergoeding.

BESLISSING

1. De Raad van State verwerpt de vordering.

2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro, een bijdrage van 20 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verzoekende partij.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 5 april 2018, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:

Dierk Verbiest, kamervoorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier.

De griffier De voorzitter

Silja Doms Dierk Verbiest

XII-8523-3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.241.205