Court dismisses appeal due to withdrawal; plaintiff failed to request hearing within deadline.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State declared the plaintiff's withdrawal from the proceedings valid after they failed to request a hearing within the statutory fifteen-day period. The plaintiff had previously filed an appeal against the Flemish Minister's refusal of a planning permit for a PET center at the General Hospital Nikolaas. Since the plaintiff did not intervene to continue the case, the court ruled that the withdrawal was deemed effective and dismissed the appeal, ordering the plaintiff to bear the costs.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticles 21, paragraph 7 of the Council of State Rules of Procedure; Article 14quater of the Regent's Decree of 23 August 1948: A party's failure to request a hearing within the prescribed period following the notification of the auditor's report results in a deemed withdrawal of the proceedings.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER
nr. 240.845 van 1 maart 2018
in de zaak A. 221.455/VII-39.914.
In zake : de VZW ALGEMEEN ZIEKENHUIS NIKOLAAS
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Gendt kantoor houdend te 3000 Leuven Koning Leopold I-straat 32
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen :
de VLAAMSE GEMEENSCHAP
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Gerard Davidstraat 46, bus 1
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 10 februari 2017, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin van 15 december 2016 houdende weigering van een planningsvergunning met betrekking tot de oprichting van een PET-Centrum in het Algemeen Ziekenhuis Nikolaas te Sint-Niklaas, uitgebaat in associatie, in toepassing van artikel 9, §8 van het besluit van de VIaamse regering dd. 18 februari 1997 tot vaststelling van de procedure voor het verkrijgen van een planningsvergunning voor intramurale en transmurale voorzieningen in de gezondheidszorg”.
VII-39.914-1/3
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.
Eerste auditeur Jozef Stevens heeft een verslag opgesteld.
Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 11 december 2017.
Op 16 januari 2018 heeft de hoofdgriffier aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Beoordeling
3. In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding gemaakt van artikel 21, zevende lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De verzoekende partij heeft binnen de termijn van dertig dagen, gesteld in voornoemd artikel 21, zevende lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Krachtens die wetsbepaling geldt te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding.
VII-39.914-2/3
De hoofdgriffier heeft de verzoekende partij medegedeeld, met toepassing van artikel 14quater van voornoemd besluit van de Regent, dat de kamer de afstand van geding zou uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord.
Er bestaat aanleiding om de afstand van het geding vast te stellen.
BESLISSING
1. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro verschuldigd aan de verwerende partij.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van een maart tweeduizend achttien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit:
Pierre Lefranc, waarnemend kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier.
De griffier De voorzitter
Bart Tettelin Pierre Lefranc
VII-39.914-3/3
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.240.845