Administrative appeal dismissed due to failure to pay court fees, resulting in case withdrawal from the docket.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe applicant withdrew their administrative appeal against a traffic fine by refusing to pay the required court fees. The court ruled that without payment, the case could not proceed and was formally withdrawn from the docket under the relevant procedural rules. Consequently, the request for annulment of the fine was not examined on its merits.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticle 71, paragraph 4 of the 1948 Regent's Decree; Failure to pay court fees renders an administrative appeal as if not filed, leading to withdrawal from the docket.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE IXe KAMER
nr. 240.784 van 22 februari 2018
in de zaak A. 224.120/IX-9209
In zake: Koen DEPREITERE
woonplaats kiezend te 3350 Drieslinter Stationsstraat 12a
tegen:
de VLAAMSE VERVOERMAATSCHAPPIJ DE LIJN
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 14 december 2017, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van de Dienst Administratieve Boetes betreffende het PV 2161000522 – dd. 18-09-2017 – Niet eerbiedigen van verkeersbord F18 (bijzonder overrijdbare bedding) (art. 64.3) en het bedrag van de administratieve boete van 107 euro”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. Auditeur Inge Vos heeft een verslag opgesteld.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 februari 2018.
Staatsraad Bert Thys heeft verslag uitgebracht.
Eerste auditeur Ann Eylenbosch heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.
IX-9209-1/3
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Afvoering van de rol
3. Nadat de griffie van de Raad van State verzoeker met een brief van 3 januari 2018 heeft uitgenodigd het rolrecht ten bedrage van 200 euro te betalen, antwoordt verzoeker met een brief van 4 januari 2018 dat hij afstand wenst te doen van zijn beroep tot nietigverklaring.
In een brief van 13 februari 2018 aan de Raad van State wijst verzoeker er onder meer op dat “als [hij] het rolrecht ten bedrage van 200 Euro niet betaal[t], [zijn] zaak niet verder wordt behandeld”.
4. Aangezien verzoeker tot op het ogenblik van de sluiting van het debat het voormelde rolrecht niet heeft betaald, moet zijn beroep tot nietigverklaring met toepassing van artikel 71, vierde lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ als “niet verricht” worden beschouwd.
Om die reden moet de zaak worden afgevoerd van de rol.
BESLISSING
De zaak wordt afgevoerd van de rol.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 22 februari 2018, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit:
Bert Thys, staatsraad, waarnemend voorzitter,
IX-9209-2/3
bijgestaan door Vera Wauters, griffier.
De griffier De voorzitter
Vera Wauters Bert Thys
IX-9209-3/3
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.240.784