Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.240.435 ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.240.435 Généré par l'IA

Court dismisses appeal and refers costs to applicant after withdrawal of proceedings against OCMW Landen.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.240.435
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State formally established the withdrawal of proceedings by the applicant against the Open Centre for Social Welfare of Landen. The applicant had sought the annulment of various administrative decisions regarding her employment and negative evaluation, alongside a claim for damages. Since the applicant withdrew the lawsuit before the final judgment, the court dismissed the appeal and ordered the applicant to bear the litigation costs.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 70, § 1, fifth paragraph of the General Rules of Procedure; Upon withdrawal of proceedings, the appeal is dismissed and the withdrawing party bears the litigation costs.

Mots-clés

Généré par l'IA
withdrawal of proceedings dismissal of appeal litigation costs administrative annulment social welfare employment

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 70, § 1, fifth paragraph of the General Rules of Procedure

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE IXe KAMER

nr. 240.435 van 16 januari 2018

in de zaak A. 219.281/IX-8866

In zake : Liesbeth HEYNS

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pascal Lahousse kantoor houdend te 2800 Mechelen Leopoldstraat 64

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen :

het OPENBAAR CENTRUM VOOR MAATSCHAPPELIJK

WELZIJN VAN LANDEN

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ann Coolsaet kantoor houdend te 2018 Antwerpen Arthur Goemaerelei 69

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp

1.1. Het beroep, ingesteld op 18 mei 2016, strekt tot de nietigverklaring van:

“1. De beslissing van het Vast Bureau van het OCMW van Landen van 30 juni 2015 betreffende de aanstelling van [A. M.] als extern deskundige en de goedkeuring van de methodiek voor het afnemen van de gesprekken op basis van een 360° bevraging van de voorzitter, het MAT (inclusief secretaris en financieel beheerder), de eigen teamleden en de functiehouder.

2. De beslissing van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van 15 september 2015 om de proeftijd van [Liesbeth Heyns] met 6 maanden te verlengen ten gevolge van de ongunstige evaluatie en dezelfde methodiek (360°graden bevraging) toe te passen voor de evaluatie op het einde van de verlenging.

3. De beslissing van de secretaris van het OCMW van de stad Landen tot negatieve evaluatie van [Liesbeth Heyns] zonder gekende datum, geciteerd in

IX-8866-1/4

de overwegingen voorafgaand aan het besluit van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van het OCMW van Landen van 24 maart 2016, waarbij de Raad kennis neemt van deze negatieve evaluatie.

4. Het besluit van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van het OCMW

van Landen van 24 maart 2016, waarbij de Raad kennis neemt van ‘de negatieve evaluatie van de secretaris voor Liesbeth Heyns als hoofd sociale dienst’.

5. Het besluit van de Raad voor Maatschappelijk Welzijn van het OCMW

van Landen van 24 maart 2016 tot ontslag van verzoekster wegens definitief vastgestelde beroepsongeschiktheid op het einde van de proeftijd […].”

1.2. In fine van haar verzoekschrift vraagt Liesbeth Heyns “om het herstel van het geleden nadeel voor de periode van 2 mei 2016 tot wanneer de Raad van State een beslissing genomen zal hebben over het annulatieberoep en zij in haar recht hersteld kan worden”, waarbij het “geleden nadeel kan […] begroot worden op minimum 4000 € per maand”.

II. Verloop van de rechtspleging

2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.

Auditeur Iris Verheven heeft een verslag opgesteld.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 20 november 2017.

Staatsraad Bert Thys heeft verslag uitgebracht.

Eerste auditeur-afdelingshoofd Werner Weymeersch heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

IX-8866-2/4

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Verzoek tot afstand

3. Met een brief van 10 oktober 2017 doet verzoekster “afstand van geding […] lastens OCMW Landen”.

4. Deze afstand geldt zowel ten aanzien van het beroep tot nietigverklaring als ten aanzien van het verzoek tot schadevergoeding tot herstel.

IV. Kosten

5. Gelet op het bepaalde in artikel 70, § 1, vijfde lid, van het algemeen procedurereglement, dient het rolrecht dat verband houdt met het verzoek tot schadevergoeding tot herstel aan verzoekster te worden terugbetaald.

6. Met een brief van 8 november 2017 doet de verwerende partij afstand van de “eerdere vraag tot het bekomen van rechtsplegingsvergoeding”.

BESLISSING

1. De Raad van State stelt de afstand van geding vast.

2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 200 euro.

Het onverschuldigde rolrecht inzake het verzoek tot schadevergoeding tot herstel, begroot op 200 euro, dient aan de verzoekende partij te worden terugbetaald.

IX-8866-3/4

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 16 januari 2018, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit:

Bert Thys, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier.

De griffier De voorzitter

Tiny Temmerman Bert Thys

IX-8866-4/4

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2018:ARR.240.435