Belgian State administrative appeal dismissed due to lack of required legal interest by the applicant.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State dismissed the applicant's appeal against the Minister's decision to revoke his meat processing facility recognition. The applicant failed to submit a counter-memoir within the statutory sixty-day period, leading the clerk to determine that the necessary legal interest for the requested annulment was absent. Consequently, the court rejected the appeal and ordered the applicant to bear the litigation costs.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticles 21, second paragraph; Article 7 of the Regent's Decision of 23 August 1948: An administrative appeal is inadmissible if the applicant fails to submit a counter-memoir within the prescribed time limit, thereby demonstrating a lack of required legal interest.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER
nr. 240.185 van 14 december 2017
in de zaak A. 222.332/VII-40.004.
In zake : Julien DEBELDER
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Dirk De Greef kantoor houdend te 1700 Dilbeek Eikelenberg 20
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen :
de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Middenstand, Zelfstandigen, KMO’s, Landbouw en Maatschappelijke Integratie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Rik Depla kantoor houdend te 8310 Brugge – Sint-Kruis Karel van Manderstraat 123
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 2 juni 2017, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van de minister van Middenstand, Zelfstandigen, KMO’s, Landbouw en Maatschappelijke Integratie van 6 april 2017
waarbij beslist wordt:
“Teneinde de volksgezondheid te vrijwaren:
- de erkenning voor een inrichting voor de vervaardiging van gehakt vlees, vleesbereidingen en separatorvlees (erkenning 1.1.5) met als activiteit en product de vervaardiging of (opnieuw) onmiddellijk verpakken van vleesbereidingen (PL43AC40PR125) onder het nummer B672-H en - de erkenning als inrichting voor de vervaardiging van vleesproducten (erkenning 1.2.1) met als activiteit en product de vervaardiging of (opnieuw) onmiddellijk verpakken van vleesproducten (PL43AC40PR135) onder het nummer B672
VII-40.004-1/3
van Debelder Julien (ondernemingsnummer 0573.243.472 met vestigingseenheidsnummer 2.118.809.008) gelegen te Halleweg 94/A1Gv te 1500 Halle, in te trekken”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan verzoeker ter kennis werd gebracht op 7 augustus 2017.
Op 30 oktober 2017 heeft de hoofdgriffier aan verzoeker en de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Beoordeling
3. Bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan verzoeker heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
Verzoeker heeft binnen de termijn van zestig dagen, gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd. Krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid, dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt.
De hoofdgriffier heeft de partijen medegedeeld, met toepassing van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zou doen onder aanvoering van het ontbreken
VII-40.004-2/3
van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord.
Er bestaat aanleiding om het beroep te verwerpen.
BESLISSING
1. De Raad van State verwerpt het beroep.
2. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro verschuldigd aan de verwerende partij.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van veertien december tweeduizend zeventien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit:
Eric Brewaeys, kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier.
De griffier De voorzitter
Bart Tettelin Eric Brewaeys
VII-40.004-3/3
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.240.185