Court dismisses annulment appeal as the challenged administrative decision was revoked before the hearing.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State dismissed the annulment appeal because the underlying administrative decision had been revoked prior to the hearing. The applicant sought to annul a selection report approving a specific organ builder for restoration work in a cathedral, but the provincial delegation had already withdrawn the original decision on September 15, 2015. Consequently, the court ruled the appeal was without object and void under Article 93 of the Council of State's Rules of Procedure.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticle 93 of the Council of State's Rules of Procedure; An administrative appeal is without object and void if the challenged decision has been revoked before the hearing.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER
nr. 239.883 van 16 november 2017
in de zaak A. 220.444/XII-8244
In zake: 1. MANUFACTURE D’ORGUES SCHUMACHER SPRL -
ORGELBAU SCHUMACHTER GMBH
2. de NV MONUMENT VANDEKERCKHOVE
3. JOANNES KLAIS ORGELBAU GMBH & Co. KH
4. MANUFACTURE D’ORGUES THOMAS, samen met tweede en derde verzoekende partij vormend een tijdelijke handelsvennootschap 5. de BV KERKORGELBOUW PELS & VAN LEEUWEN
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Kris Wauters, Jan Ghysels en Stijn Verbeke kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 187
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen:
de PROVINCIE WEST-VLAANDEREN
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bart Staelens kantoor houdend te 8000 Brugge Stockhouderskasteel Gerard Davidstraat 46 bus 1
bij wie woonplaats wordt gekozen
Tussenkomende partijen:
1. ORGLARSTVO ANTON SKRABL SP
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Elke Casteleyn kantoor houdend te 9160 Lokeren Antwerpse Steenweg 47
bij wie woonplaats wordt gekozen 2. de BV KERKORGELBOUW PELS & VAN LEEUWEN
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Kris Wauters, Jan Ghysels en Stijn Verbeke kantoor houdend te 1170 Brussel Terhulpsesteenweg 187
XII-8244- 1/4
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 21 november 2016, strekt tot de nietigverklaring van “[h]et besluit van 15 september 2016 van de Deputatie van de provincie West-Vlaanderen houdende goedkeuring selectieverslag van de opdracht van werken: restauratie interieur fase 5A — lot 3: restauratie orgeldeel Vaneynde orgel in de Sint-Salvatorskathedraal te Brugge, meer specifiek het onderdeel van het besluit waarbij de Deputatie de kandidaat Orglarstvo Anton Skrabl s.p. selecteert”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. Bij arrest nr. 236.379 van 8 november 2016 is de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing ingewilligd.
De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend.
Auditeur Inge Vos heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 14 november 2017 om 11.00 uur.
Staatsraad Johan Bovin heeft verslag uitgebracht.
Advocaat Jorien Van Belle, die loco advocaat Kris Wauters verschijnt voor de verzoekende partijen, advocaat Tijs Lust, die loco advocaat Bart Staelens verschijnt voor de verwerende partij en advocaat Jorien Van Belle, die
XII-8244- 2/4
loco advocaat Kris Wauters verschijnt voor de tweede tussenkomende partij, zijn gehoord.
Auditeur Thomas Maes heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Toepassing van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948
‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’
3. De bestreden beslissing is bij beslissing van de deputatie van de provincie West-Vlaanderen van 15 september 2015 ingetrokken, zodat het beroep zonder voorwerp is gevallen en ‘doelloos’ is geworden, als bedoeld in artikel 93
van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.
IV. Kosten
4.1. De raadslieden van de verzoekende partijen zetten in de memorie van wederantwoord uiteen dat “[hun] cliënten van oordeel [zijn] dat verwerende partij niet dient te worden verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, te weten de rechtsplegingsvergoedingen en de rolrechten. Onze cliënten doen hiervan uitdrukkelijk afstand en wensen niet dat verwerende partij verwezen wordt in deze kosten”.
4.3. Artikel 68, vijfde lid, van voormeld besluit van de Regent van 23 augustus 1948, bepaalt:
“In ieder geval wordt het geheel van de kosten die zowel verband houden met de vordering tot schorsing als met het verzoekschrift tot nietigver-
XII-8244- 3/4
klaring, ten laste gelegd van de partij die ten gronde in het ongelijk wordt gesteld.”
Doordat de verwerende partij het bestreden besluit heeft ingetrokken dient zij als de in het ongelijk gestelde partij in de zin van voormelde bepaling te worden beschouwd. Er kan niet worden ingegaan op de vraag van de verzoekende partijen om de verwerende partij niet te verwijzen in de kosten wat de rolrechten betreft.
4.4. Anderzijds staat het een verzoekende partij vrij een rechtsple-
gingsvergoeding te vragen. De afstand van de vraag van de verzoekende partijen om een rechtsplegingsvergoeding toe te kennen wordt ingewilligd.
BESLISSING
1. De Raad van State verwerpt het beroep.
2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 1.800 euro.
De tussenkomende partijen worden verwezen in de kosten van de tussen-
komsten, begroot op een rolrecht van 300 euro, elk voor de helft.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 16 november 2017, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:
Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier.
De griffier De voorzitter
Silja Doms Johan Bovin
XII-8244- 4/4
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.883