Court dismisses appeal as futile due to subsequent administrative decision to stop and re-tender the contract.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State rejected the applicant's annulment action against a contract award decision. The applicant argued for the invalidity of the award to Blue Strategy, but the administration subsequently decided to stop the tender and re-advertise the project under new specifications. The court ruled the appeal futile because the subsequent decision rendered the contested award decision ineffective and the applicant's interest in the original procedure lost.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticle 93 of the Decree of the Regent of 23 August 1948; An administrative appeal is considered futile and must be dismissed if a subsequent administrative decision renders the contested decision ineffective and deprives the applicant of their interest in the original procedure.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IAJurisprudence citée
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER
nr. 239.440 van 19 oktober 2017
in de zaak A. 221.152/XII-8290
In zake: de BV OPPS, vennootschap naar Nederlands recht bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Frank Judo kantoor houdend te 1000 Brussel Keizerslaan 3
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen:
de VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten David D‟Hooghe, Leopold Schellekens en Alexandre Peytchev kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 16 februari 2017, strekt tot de nietig-
verklaring van “de belissing van het College van de Vlaamse Gemeenschaps-
commissie van 22 december 2016, met als nummer 20162017-0448, waarbij de studieopdracht voor de opmaak van outputspecificaties voor het multifunctioneel nieuwbouwproject „Gallaitsite te 1030 Schaarbeek‟ gegund wordt aan Blue Strategy bvba […] en van de impliciete weigeringsbeslissing om voormelde opdracht […] aan de [bv OPPS] te gunnen”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. Bij arrest nr. 237.234 van 31 januari 2017 is de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid bevolen van het besluit
XII-8290-1/5
van 22 december 2016 van het college van de Vlaamse Gemeenschapscommissie waarbij de opdracht voor diensten „Studieopdracht voor de opmaak van outputspecificaties voor het multifunctioneel nieuwbouwproject Gallaitsite‟ wordt gegund aan de bvba Blue Strategy en is de vordering voor het overige verworpen.
De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot nietig-
verklaring ingediend.
De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend.
Eerste auditeur-afdelingshoofd Luc Vermeire heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 17 oktober 2017.
Staatsraad Johan Bovin heeft verslag uitgebracht.
Advocaat Nicolas Goethals, die loco advocaat Frank Judo verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Alexandre Peytchev, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.
Auditeur-generaal Luc Vermeire heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
XII-8290-2/5
III. Toepassing van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948
‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’
3.1. Op 10 maart 2017 beslist het college van de Vlaamse Gemeenschapscommissie, onder meer met verwijzing naar het voormelde schorsingsarrest nr. 237.234 van 31 januari 2017 en de noodzaak in dat licht het bestek OIGAL1501.02 aan te passen en met verwijzing naar het voortschrijdende inzicht en de noodzaak “de scope van de studieopdracht [te verbreden] tot begeleiding van het volledige traject”, als volgt:
“Artikel 1
De studieopdracht voor de opmaak van outputspecificaties voor het multifunctioneel nieuwbouwproject „Gallaitsite, gelegen Gallaitstraat 58-64 te 1030 Schaarbeek‟, wordt niet gegund. De gemotiveerde beslissing tot niet-gunning zit vervat in bijlage aan dit besluit. De inschrijvers worden hiervan op de hoogte gebracht overeenkomstig de wet overheidsopdrachten per brief zoals vervat in bijlage.
Artikel 2
De studieopdracht voor de opmaak van outputspecificaties voor het multifunctioneel nieuwbouwproject „Gallaitsite, gelegen Gallaitstraat 58-64 te 1030 Schaarbeek, wordt heraanbesteed in functie van een gewijzigd bestek op basis van de beoordeling van de Raad van State en op basis van de verbreding van de scope van de studieopdracht tot begeleiding van het volledige traject.
[…].”
3.2. Dezelfde dag beslist het college om voor dit project een nieuwe open offerteaanvraag uit te schrijven volgens een versnelde procedure en om het bijzonder bestek nr. OIGAL1501.04 goed te keuren.
De aankondiging van deze opdracht wordt op 13 maart 2017
bekendgemaakt in het Bulletin der Aanbestedingen.
3.3. Met een aangetekende brief, gedateerd 13 maart 2017 maar blijkens het afgiftebewijs van een internationale aangetekende zending bij bpost afgegeven op 14 maart 2017, deelt de verwerende partij aan de verzoekende partij mee dat beslist werd om de voorliggende opdracht “stop te zetten en te
XII-8290-3/5
heraanbesteden”. Deze brief wordt ook meegedeeld met een e-mailbericht gedateerd 13 maart 2017.
3.4. Er blijkt tegen de beslissing van 10 maart 2017 tot niet-gunning van de voorliggende opdracht volgens bestek nr. OIGAL1501.02 en heraan-
besteding volgens een aangepast bestek geen annulatieberoep te zijn ingesteld.
3.5. Alhoewel de bestreden gunningsbeslissing van 22 december 2016 niet uitdrukkelijk werd ingetrokken, houdt de beslissing tot niet-gunning en heraanbesteding van 10 maart 2017 in ieder geval in dat de verzoekende partij haar belang heeft verloren bij haar beroep tegen de gunningsbeslissing in de stopgezette procedure. Deze beslissing, indien al niet impliciet ingetrokken of opgeheven, kan immers geen effecten meer te weeg brengen.
Dit geldt tevens voor de impliciete beslissing vervat in de voormelde beslissing van 22 december 2016, om de voorliggende opdracht niet aan de verzoekende partij te gunnen.
3.6. Het beroep is bijgevolg “doelloos” geworden, als bedoeld in artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟.
3.7. Het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen.
IV. Kosten
4.1. In de gegeven omstandigheden past het evenwel de kosten, zijnde de rolrechten van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, ten laste van de verwerende partij te leggen.
4.2. Tevens is er te dezen grond om aan de verzoekende partij de door haar gevraagde basisrechtsplegingsvergoeding van 700 euro toe te kennen nu zij ingevolge de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden gunningsbeslissing gevolgd door de beslissing
XII-8290-4/5
tot niet-gunning en heraanbesteding, als de in het gelijk gestelde partij dient beschouwd in de zin van artikel 30/1 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State.
BESLISSING
1. De Raad van State verwerpt het beroep.
2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro, en een rechts-
plegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verzoekende partij.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 19 oktober 2017, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:
Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier.
De griffier De voorzitter
Greta Scheveneels Johan Bovin
XII-8290-5/5
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.440