Court dismisses appeal against Flemish spatial plan as withdrawn decision lacks subject matter for annulment.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State rejected the appeal filed against the Flemish government's spatial plan and its environmental report. The defending party had withdrawn the challenged decision of March 6, 2015, rendering the annulment request without subject matter. Consequently, the court held that the appeal must be dismissed in its entirety, including the portion concerning the preparatory environmental report.
Regeste Legislator
Généré par l'IAWet van de Raad van State, titel VI, hoofdstuk II; When a challenged administrative decision is withdrawn, the annulment appeal lacks subject matter and must be dismissed.
Mots-clés
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
Xe KAMER
nr. 239.354 van 11 oktober 2017
in de zaak A. 216.068/X-16.252.
In zake : 1. de VZW LIMBURGSE MILIEUKOEPEL
2. Guy COOLENS
3. Martine BOES
4. Jean-Luc COOLENS
5. Anne-Françoise TIMMERMANS
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Filip De Preter en Bert Van Herreweghe kantoor houdend te 1000 Brussel Keizerslaan 3
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen :
het VLAAMSE GEWEST
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Steven Menten en Chris Schijns kantoor houdend te 3600 Genk Grotestraat 122
bij wie woonplaats wordt gekozen
Tussenkomende partijen :
1. de NV J.M. RECYCLING
2. de NV REMO MILIEUBEHEER
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Peter Flamey kantoor houdend te 2018 Antwerpen Jan Van Rijswijcklaan 16
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 8 juni 2015, strekt tot de nietigverklaring van:
X-16.252-1/4
- het besluit van de Vlaamse regering van 6 maart 2015 houdende de definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Closing the Circle”
in Houthalen-Helchteren, - de beslissing van de dienst Milieueffectenrapportage van 25 mei 2011
houdende de goedkeuring van het plan-milieueffectenrapport van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Closing the Circle”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend.
De tussenkomende partijen hebben een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 8 september 2015. De tussenkomende partijen hebben een memorie ingediend.
Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een verslag opgesteld.
De verwerende partij en de tussenkomende partijen hebben een laatste memorie ingediend. De verzoekende partijen hebben een laatste memorie ingediend.
De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 15 september 2017.
Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht.
Advocaat Nicolas Goethals, die loco advocaten Filip De Preter en Bert Van Herreweghe verschijnt voor de verzoekende partijen, advocaat Chris Schijns, die verschijnt voor de verwerende partij, en advocaat Glenn Declercq,
X-16.252-2/4
die loco advocaat Peter Flamey verschijnt voor de tussenkomende partijen, zijn gehoord.
Eerste auditeur-afdelingshoofd Ann Van Mingeroet heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
III. Ontvankelijkheid van het beroep
3. Met een besluit van 17 maart 2017 heeft de verwerende partij het eerste bestreden besluit van 6 maart 2015 ingetrokken. Het beroep tegen deze bestreden beslissing is dan ook zonder voorwerp geworden, wat door geen der partijen ter terechtzitting wordt betwist. Evenmin wordt betwist dat in die omstandigheden het beroep ook moet worden verworpen in zoverre het betrekking heeft op het tweede bestreden besluit, dat louter voorbereidend en in beginsel dus niet voor vernietiging vatbaar is.
IV. Kosten
4. Gezien de omstandigheden past het de kosten van het beroep tot nietigverklaring, inbegrepen een basisrechtsplegingsvergoeding ten laste van de verwerende partij te leggen.
De verzoekende partijen vragen in hun laatste memorie een “rechtsplegingsvergoeding van 700 euro per verzoekende partij”. Evenwel is er geen grond om aan elk van deze partijen voor hun identiek beroep een rechtsplegingsvergoeding toe te kennen.
X-16.252-3/4
BESLISSING
1. De Raad van State verwerpt het beroep.
2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 1000 euro en op een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verzoekende partijen.
De tussenkomende partijen worden, elk voor de helft, verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 300 euro.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van elf oktober 2017, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit:
Johan Lust, kamervoorzitter, Jan Clement, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier.
De griffier De voorzitter
Silvan De Clercq Johan Lust
X-16.252-4/4
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.354