Administrative appeal dismissed as non-filed due to failure to pay procedural fee and provide structured payment notice.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State declared the administrative appeal for annulment as non-filed because the procedural fee of 200 euros was not paid with the required structured communication. The plaintiff failed to credit the designated account via transfer or deposit containing the specific message mandated by the General Rules of Procedure. Consequently, the court ruled that the procedural act was deemed not performed, dismissing the claim entirely.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticles 70, § 1, 1st paragraph, 2° and 71, 4th paragraph, of the General Rules of Procedure for the Administrative Law Division of the Council of State: An administrative appeal is considered not filed if the procedural fee is not paid by means of a transfer or deposit containing the structured communication specified on the form.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER
nr. 239.286 van 5 oktober 2017
in de zaak A. 219.831/XII-8191
In zake: de BVBA POSTALIA BELGIUM
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Johny Dewit kantoor houdend te 9070 Heusden Bommelsrede 26
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen:
de GEMEENTE ELSENE
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Anthony Poppe en Marie Vastmans kantoor houdend te 1160 Brussel Tedescolaan 7
bij wie woonplaats wordt gekozen
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 15 juli 2016, strekt tot de nietigver-
klaring van “de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen van de gemeente Elsene van 17 mei 2016 houdende de niet-weerhouding van de inschrij-
ving van [de bvba Postalia Belgium] voor de loten 3 en 4 op de door de gemeente Elsene […] uitgeschreven openbare aanbesteding nr. 2016-018 betreffende de postdiensten voor brievenpost in België binnen de werkingssfeer van de universele dienst, zoals bedoeld in de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven, alsook voor brievenpost naar het buitenland voor de Gemeenten, de OCMW‟s en de Politiezones van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gepubliceerd in het Bulletin der Aanbestedingen met publicatienr. 2016-506132”.
XII- 8191-1/4
II. Verloop van de rechtspleging
2. Met een brief van 27 juli 2016 heeft de griffie aan de verzoekende partij gevraagd het rolrecht van 200 euro te betalen en werd erop gewezen dat indien de rekening niet is gecrediteerd door middel van een overschrijving of van een storting die de op de brief vermelde gestructureerde mededeling bevat, de proceshandeling als niet verricht wordt beschouwd.
De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.
Eerste auditeur Jos Stevens heeft een verslag opgesteld.
Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 10 april 2017.
Op 9 juni 2017 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟ (hierna: het algemeen procedurereglement).
De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.
XII- 8191-2/4
III. Regelmatigheid van de rechtspleging
3. Overeenkomstig artikel 70, § 1, eerste lid, 2°, van het algemeen procedurereglement geven de beroepen tot nietigverklaring aanleiding tot de betaling van een recht van 200 euro.
Dit recht moet worden gekweten door middel van een overschrijving of storting op de in artikel 71, eerste lid, van het algemeen procedurereglement bedoelde rekening. Daartoe wordt door de griffie aan de schuldenaar van het recht een overschrijvingsformulier toegestuurd dat een gestructureerde mededeling bevat.
Wordt de rekening niet gecrediteerd door middel van een overschrijving of een storting die de op dit formulier vermelde gestructureerde mededeling bevat, dan wordt de proceshandeling waarop de kwijting betrekking heeft naar eis van artikel 71, vierde lid, van het algemeen procedurereglement “als niet verricht beschouwd”.
De voormelde rekening is niet gecrediteerd geworden zodat het beroep tot nietigverklaring als niet verricht wordt beschouwd.
IV. Rechtsplegingsvergoeding
4. De verwerende partij vraagt in de memorie van antwoord om haar de basisrechtsplegingsvergoeding toe te kennen.
5. In aanmerking genomen dat de verwerende partij zich tegen het verzoekschrift heeft verweerd in de voormelde memorie kan haar vraag tot toekenning van het basisbedrag van 700 euro rechtsplegingsvergoeding worden ingewilligd.
XII- 8191-3/4
BESLISSING
1. De Raad van State beschouwt het beroep tot nietigverklaring als niet verricht.
2. De verzoekende partij is een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro verschuldigd aan de verwerende partij.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 5 oktober 2017, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:
Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier.
De griffier De voorzitter
Greta Scheveneels Johan Bovin
XII- 8191-4/4
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.286