Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.248 ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.248 Généré par l'IA

Court dismisses appeal due to failure to file continuation request within 30 days after rejection of stay motion.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.248
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State declared the applicant's appeal for annulment abandoned because no request to continue proceedings was filed within the statutory 30-day period following the rejection of the stay motion. The applicant had previously sought an urgent stay of execution, which was denied, yet failed to act within the subsequent deadline. Consequently, the court ruled that the presumption of abandonment applied and dismissed the case without examining the merits of the alleged irregularities in the municipal council's decisions.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Article 17, § 7 of the Council of State Rules; Upon rejection of a stay motion, failure to file a continuation request within 30 days constitutes a presumption of abandonment of the appeal.

Mots-clés

Généré par l'IA
presumption of abandonment continuation of proceedings statutory time limit rejection of stay motion annulment appeal dismissal réélection d'agents publics légitimation de la commune résiliation des rapports de service

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 17, § 7 of the Council of State Rules
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE Xe KAMER

nr. 239.248 van 28 september 2017

in de zaak A. 222.119/X-16.914.

In zake: Guy VERBUYST

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Dirk Van Heuven en Dorien Geeroms kantoor houdend te 2600 Antwerpen Cogels Oseylei 61

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

de GEMEENTE ZELZATE

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Hans-Kristof Carême kantoor houdend te 3000 Leuven Justus Lipsiusstraat 24

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 4 mei 2017, strekt tot de nietigverklaring van:

“1. Besluit van de gemeenteraad van Zelzate van 11 april 2017 waarbij het voorstel tot intrekking van het besluit van de gemeenteraad van 10 januari 2017 houdende niet-vaste benoeming als voltijds statutair gemeentesecretaris (klasse 2), wordt verworpen en verzoekende partij zodoende niet vast wordt benoemd als gemeentesecretaris […]

2. Besluit van de gemeenteraad van Zelzate van 27 maart 2017 waarbij het voorstel tot intrekking van het besluit van de gemeenteraad van 10 januari 2017 houdende niet vaste benoeming als voltijds statutair gemeentesecretaris (klasse 2), werd verworpen en verzoekende partij zodoende niet vast wordt benoemd als gemeentesecretaris […].”

X-16.914- 1/3

II. Verloop van de rechtspleging

2. Bij arrest nr. 238.212 van 16 mei 2017 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de bestreden beslissingen verworpen.

Het genoemde arrest is op 17 mei 2017 aan verzoeker ter kennis gebracht.

Op 27 juni 2017 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟.

Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Beoordeling

3. Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest.

4. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.

X-16.914- 2/3

5. Het vermoeden van afstand van het beroep tot nietigverklaring is te dezen van toepassing. Aangezien in dit arrest geen onwettigheid wordt vastgesteld, komt een (verzoek tot) schadevergoeding tot herstel niet aan de orde.

BESLISSING

1. De Raad van State stelt de afstand van het beroep tot nietigverklaring vast.

2. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 200 euro en op een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verwerende partij.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achtentwintig september 2017, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit:

Johan Lust, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier.

De griffier De voorzitter

Silvan De Clercq Johan Lust

X-16.914- 3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.248