Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.096 ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.096 Généré par l'IA

Belgian Court dismisses appeal as the challenged disciplinary decision and points system were withdrawn by the administration.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.096
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State rejected the applicant's appeal for the annulment of a disciplinary sanction and a points system application. Both the specific disciplinary decision and the points system decision were subsequently withdrawn by the administration before the hearing. Consequently, the court ruled that the appeal was without object and dismissed it.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 93, first paragraph, of the 1948 Regent's Decree; An administrative appeal is without object if the challenged decisions are withdrawn by the authority, rendering the annulment request moot.

Mots-clés

Généré par l'IA
administrative appeal withdrawal of decision without object disciplinary sanction points system Council of State mootness régime pénitentiaire

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 93, first paragraph, of the 1948 Regent's Decree
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER

nr. 239.096 van 14 september 2017

in de zaak A. 219.700/XIV-37.122

In zake: Alain Louis VANDERHEIDEN

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jürgen Millen kantoor houdend te 3730 Hoeselt Tongersesteenweg 4/1

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen :

de BELGISCHE STAAT vertegenwoordigd door de minister van Justitie met kantoren te 1000 Brussel Willebroekkaai 33

alwaar woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 12 juli 2016, strekt tot de nietigverklaring van de “tuchtbeslissing van de directie van de gevangenis van Leuven Centraal d.d. 17 mei 2016 waarbij aan verzoeker een tuchtsanctie werd opgelegd van de afzondering in de aan de gedetineerde toegewezen verblijfsruimte gedurende 22 dagen op eigen cel vanaf 18 mei 2016 tot en met 8 juni 2016.”

II. Verloop van de rechtspleging

2. Auditeur Inge Vos heeft een verslag opgesteld over het beroep tot nietigverklaring met toepassing van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State‟.

XIV-37.122-1/4

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 6 september 2017.

Kamervoorzitter Geert Debersaques heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Jurgen Millen, die verschijnt voor verzoeker, en attaché Valérie Arickx, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.

Auditeur Inge Vos heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Nadere omschrijving van het voorwerp van het beroep

3. Verzoeker vordert de nietigverklaring van de op 17 mei 2016

opgelegde tuchtsanctie van 22 dagen afzondering in de aan de gedetineerde toegewezen verblijfsruimte op eigen cel vanaf 18 mei 2016 tot en met 8 juni 2016.

Dit is de eerste bestreden beslissing.

4. In fine van het verzoekschrift vraagt hij “tevens het strafpuntensysteem te vernietigen en te zeggen voor recht dat dit strafpuntensysteem onwettig is.”

Ter terechtzitting verduidelijkt de raadsman van verzoeker dat het beroep wat dat onderdeel betreft, enkel is gericht tegen de beslissing tot bijtelling van vijf punten bij het saldo met betrekking tot het tussenregime ten gevolge van de voormelde tuchtsanctie en niet tegen het systeem van strafpunten

XIV-37.122-2/4

als zodanig. Het voorwerp van het beroep wordt bijgevolg in die zin begrepen. De voormelde beslissing vormt de tweede bestreden beslissing

IV. Toepassing kortedebattenprocedure

5. Met een brief van 22 november 2016 meldt de verwerende partij aan de Raad van State dat de eerste bestreden beslissing is ingetrokken.

Ter terechtzitting bevestigt de raadsman van verzoeker dat ook de beslissing tot toekenning van de punten met betrekking tot het tussenregime aan verzoeker is ingetrokken en zonder voorwerp is, hetgeen niet wordt ontkend door de verwerende partij.

5. Door de intrekking van beide door verzoeker bestreden beslissingen is het beroep zonder voorwerp.

BESLISSING

1. De Raad van State verwerpt het beroep.

2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 200 euro.

XIV-37.122-3/4

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van veertien september tweeduizend zeventien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit:

Geert Debersaques, kamervoorzitter, bijgestaan door Johan Pas, Griffier.

De griffier De voorzitter

Johan Pas Geert Debersaques

XIV-37.122-4/4

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.239.096