Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.833 ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.833 Généré par l'IA

Belgian Council of State dismisses appeal due to failure to submit counter-memorandum within sixty days.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.833
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State rejected the applicant's request to annul the disciplinary decision because the required counter-memorandum was not submitted within the statutory sixty-day period. The applicant received the defense memorandum but failed to file a response by the deadline set by the Regent's decision. Consequently, the court found the applicant lacked standing to pursue the annulment, resulting in a dismissal and an order to pay legal costs.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Article 21, second paragraph of the Council of State Rules; Article 14bis, paragraph 1 of the Regent's Decision of 23 August 1948: Failure to submit a counter-memorandum within the prescribed period results in the loss of standing to request annulment.

Mots-clés

Généré par l'IA
Council of State Rules disciplinary proceedings counter-memorandum deadline loss of standing annulment request legal costs order procedural default faute disciplinaire

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 21, second paragraph of the Council of State Rules
Article 14bis, paragraph 1 of the Regent's Decision of 23 August 1948
Article 7 of the Regent's Decision of 23 August 1948
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER

nr. 237.833 van 28 maart 2017

in de zaak A. 220.213/XIV-37.186

In zake: Kim DEVRIENDT

woonplaats kiezend te 9500 Geraardsbergen Hoge Buizemont 62

tegen:

de POLITIEZONE 5428 GERAARDSBERGEN/LIERDE

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Koen Clonen en Annelies Troost kantoor houdend te 2600 Berchem Fruithoflaan 124 bus 14

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 8 september 2016, strekt tot de nietigverklaring van “de [b]eslissing van HCP [J.D.L.] van 12 juli 2016 waarbij hij in zijn hoedanigheid van gewone tuchtoverheid aan verzoekster de blaam oplegt.”

II. Verloop van de rechtspleging

2. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend die aan verzoekster ter kennis werd gebracht op 5 december 2016.

Op respectievelijk 1 maart 2017 en 28 februari 2017 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeksteren de verwerende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’.

XIV-37.186-1/3

Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Beoordeling

3. Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijn voor het toesturen van de memorie van wederantwoord niet eerbiedigt.

Bij het versturen aan verzoekstervan een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State en van artikel 14bis, § 1, van voormeld besluit van de Regent.

Verzoekster heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd binnen de termijn van zestig dagen gesteld in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent.

4. Er dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt.

BESLISSING

1. De Raad van State verwerpt het beroep.

XIV-37.186-2/3

2. Verzoekster wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigver-

klaring, begroot op een rolrecht van 200 euro en een rechtsplegings-

vergoeding van 700 euro, die verschuldigd is aan de verwerende partij.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achtentwintig maart tweeduizend zeventien, door de Raad van State, XIVe kamer, samengesteld uit:

Geert Debersaques, kamervoorzitter, bijgestaan door Joris Casneuf, griffier.

De griffier De voorzitter

Joris Casneuf Geert Debersaques

XIV-37.186-3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.833