Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.571 ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.571 Généré par l'IA

Court dismisses appeal and awards costs after plaintiff withdraws the lawsuit regarding public procurement decisions.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.571
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State formally recorded the plaintiff's withdrawal of the lawsuit and ordered them to bear the legal costs. The plaintiff had challenged two administrative decisions concerning the award of a public contract for drilling operations, arguing budgetary and procedural irregularities. Since the plaintiff voluntarily abandoned the proceedings before a final judgment, the court ruled that the appeal was dismissed and the costs were assigned to the withdrawing party.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 10 and 11 of the Code of Justice; withdrawal of proceedings results in dismissal of the appeal and the withdrawing party bears the costs.

Mots-clés

Généré par l'IA
withdrawal of proceedings public procurement law administrative appeal assignment of costs non-meritorious appeal action en réduction du prix soumissionnaire évincé publicité du marché

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Articles 10 and 11 of the Code of Justice
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER

nr. 237.571 van 7 maart 2017

in de zaak A. 220.121/XII-8221

In zake: de NV VERBRAEKEN INFRA

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Carlos De Wolf kantoor houdend te 9680 Maarkedal Etikhovestraat 6

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

de CVBA EANDIS SYSTEM OPERATOR

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Frederik Vandendriessche, Leopold Schellekens en Jochen Vranckx kantoor houdend te 1000 Brussel Loksumstraat 25

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 29 augustus 2016, strekt tot de nietigverklaring van:

“volgende beslissingen van verwerende partij:

1) de beslissing van verwerende partij d.d. 30 mei 2016, doch door verzoekende partij op 30 juni 2016 ontvangen, en die luidt als volgt:

In toepassing van de regelgeving betreffende de gunning en sluiting van overheidsopdrachten en onder meer in het bijzonder artikel 8 van de wet van 17.08.2013, delen wij u mee dat wij uw offerte niet hebben gekozen.

De aanbestedende overheid heeft conform artikel 35 van de wet Overheidsopdrachten beslist om de minicompetitie met referentie ‘862’ niet te gunnen om budgettaire redenen: immers werd voor de uitvoering van deze minicompetitie een raming voorzien die sterk afwijkt van de ingediende offertes waardoor de budgetvoorzieningen ruimschoots ontoereikend zijn, (hierna de ‘Bestreden Beslissing 1’) […].

XII-8221-1/4

2) de beslissing van verwerende partij, aan verzoekende partij meegedeeld per aangetekend schrijven d.d. 19 augustus 2016, en die luidt als volgt:

Gezien geen enkele offerte uit bovenstaande voldeed aan de grenzen van de voorziene raming en bovendien de urgentie door het tijdsverlies van de minicompetitie zonder gunstig gevolg dermate is, beslist de aanbestedende overheid om op basis van art 53 § 2, c een onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking op te starten waarbij aan drie gekende partijen in de markt, allen niet-behorende tot de raamcontractanten in kader van dossier EAN12AW124, een prijs wordt gevraagd op basis van dezelfde voorwaarden uit het initiële lastenboek. Wij zenden u hierbij een afschrift van dit lastenboek dat werd uitgestuurd aan deze partijen. Uiteraard is hierbij de uitvoeringstermijn aangepast aangezien deze procedure op basis van art 53 § 2, c pas kon worden opgestart na evaluatie van de biedingen in kader van de initiële, niet-gegunde minicompetitie waaraan uw cliënte deelnam. Om redenen van interne transparantie werd het dossiernummer voor deze procedure behouden.

Na evaluatie van de ingediende offertes beslist de aanbestedende overheid om een beslissing van gunning voor deze werken te bekrachtigen aan partij ‘Van Vulpen BV’ voor een totaalbedrag van € 364.900,00 exclusief BTW.

Dit totaalbedrag kon gegund worden gezien de voorziene raming en het voorziene budget niet werd overschreden. (hierna de ‘Bestreden Beslissing 2’) […]”.

II. Verloop van de rechtspleging

2. Bij arrest nr. 235.887 van 27 september 2016 is de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de beslissing genomen door cvba Eandis System Operator op 23 mei 2016 en herhaald op 13 juni 2016 om de opdracht ontwerpen van een boorprofiel en uitvoeren van een gestuurde boring in kruising met het Albertkanaal te Merksem aan de nv Van Vulpen te gunnen (dossier EAN12AW124/662) ingewilligd en voor het overige verworpen.

De verzoekende partij heeft een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.

Auditeur Ines Martens heeft een verslag opgesteld.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 28 februari 2017.

XII-8221-2/4

Staatsraad Johan Bovin heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Rika Heijse, die loco advocaat Carlos De Wolf verschijnt voor de verzoekende partij, is gehoord.

Eerste auditeur-afdelingshoofd Luc Vermeire heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Afstand van geding

3. De verzoekende partij heeft met een brief van 9 januari 2017 aan de Raad van State medegedeeld dat zij afstand van het geding doet.

IV. Kosten

4. In de gegeven omstandigheden past het de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en het beroep tot nietigverklaring, zijnde het rolrecht van 400 euro, ten laste te leggen van de verzoekende partij.

BESLISSING

1. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.

2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op een rolrecht van 400 euro.

XII-8221-3/4

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 7 maart 2017, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:

Johan Bovin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Greta Scheveneels, griffier.

De griffier De voorzitter

Greta Scheveneels Johan Bovin

XII-8221-4/4

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.571