Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.170 ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.170 Généré par l'IA

Court dismisses appeal as goalless due to prior annulment of the contested administrative decision.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.170
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State dismissed the appeal filed by five healthcare organizations against the royal decree establishing standards for children's care programs. The court determined the appeal was without object because the Royal Council had already annulled the contested decision in a previous ruling dated December 2016. Consequently, the court ordered the defending party to bear the costs of the suspension request and the current appeal.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 10 and 11 of the Code of Justice; An appeal is considered goalless and must be dismissed if the decision under attack has already been annulled by a competent authority.

Mots-clés

Généré par l'IA
goalless appeal annulment of decision procedural bar Council of State healthcare standards besoins médicaux de l'enfant législation sanitaire allocation pour frais de garde

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Articles 10 and 11 of the Code of Justice

Jurisprudence citée

Généré par l'IA
ECLI:BE:RVSCE:2016:ARR.236.692
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER

nr. 237.170 van 26 januari 2017

in de zaak A. 212.816/VII-39.145.

In zake : 1. de VZW ZIEKENHUISNETWERK ANTWERPEN (ZNA)

2. de VZW GASTHUISZUSTERS ANTWERPEN (GZA)

3. de VZW ONZE-LIEVE-VROUWZIEKENHUIS (OLVZ)

4. het AZ SINT-JAN BRUGGE-OOSTENDE (AZ Sint-Jan)

5. de VZW AZ DELTA, voorheen de VZW H.-HARTZIEKENHUIS ROESELARE-MENEN

(HHRM)

6. de VZW ZORGNET VLAANDEREN

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Gendt kantoor houdend te 3000 Leuven Koning Leopold I-straat 32

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen :

de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Emmanuel Jacubowitz en Anthony Poppe kantoor houdend te 1160 Brussel Tedescolaan 7

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp van het beroep

1. Het beroep, ingesteld op 17 juni 2014, strekt tot de nietigverklaring van het koninklijk besluit van 2 april 2014 houdende vaststelling van de normen waaraan het zorgprogramma voor kinderen moet voldoen om erkend te worden.

VII-39.145-1/3

II. Verloop van de rechtspleging

2. Bij arrest nr. 229.232 van 20 november 2014 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen.

De verzoekende partijen hebben een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.

De verwerende partij heeft een memorie van antwoord en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend.

Auditeur Anja Somers heeft een verslag overeenkomstig artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State opgesteld.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 januari 2017.

Kamervoorzitter Eric Brewaeys heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Inge Van Den Dorpel, die loco advocaten Emmanuel Jacobuwitz en Anthony Poppe verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord.

Auditeur Anja Somers heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

VII-39.145-2/3

III. Doelloos beroep

3. Het thans bestreden besluit is door de Raad van State vernietigd bij arrest nr. 236.692 van 8 december 2016.

Het voorliggend beroep is derhalve zonder voorwerp, waardoor het doelloos is geworden.

Gelet op de omstandigheden van de zaak, past het de kosten ten laste te leggen van de verwerende partij.

BESLISSING

1. De Raad van State verwerpt het beroep.

2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 2.400 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 840 euro, verschuldigd aan de verzoekende partijen.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zesentwintig januari tweeduizend zeventien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit:

Eric Brewaeys, kamer voorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier.

De griffier De voorzitter

Bart Tettelin Eric Brewaeys VII-39.145-3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.170