Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.162 ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.162 Généré par l'IA

Cassation appeal dismissed as the applicant formally withdrew the planning permission decision, rendering the appeal purposeless.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.162
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State dismissed the cassation appeal because the applicant formally withdrew the underlying planning permission decision, rendering the appeal purposeless. The applicant's lawyer notified the Council on December 15, 2016, stating that a new subdivision request superseded the original decision of March 26, 2015. Consequently, the court declared the appeal without object and ordered the applicant to bear the costs.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 16 and 17 of the Royal Decree of 30 November 2006 on cassation procedure at the Council of State; a cassation appeal becomes purposeless if the applicant formally withdraws the contested administrative act, thereby depriving the appeal of its object.

Mots-clés

Généré par l'IA
cassation appeal purposeless appeal withdrawal of act planning permission administrative law révision du plan d'aménagement modification du permis de construire autorisation dérogatoire de construire

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Article 16 of the Royal Decree of 30 November 2006 on cassation procedure at the Council of State
Title VI, Chapter II of the Council of State laws
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VIIe KAMER

nr. 237.162 van 26 januari 2017

in de zaak A. 217.952/VII-39.767.

In zake : de NV IPON

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Dirk Abbeloos kantoor houdend te 9200 Dendermonde Noordlaan 82-84

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen :

Ferdinand B JANTZEN

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Laurent Proot en Sofie De Maesschalck kantoor houdend te 9000 Gent Kasteellaan 141

bij wie woonplaats wordt gekozen

I. Voorwerp van het beroep

1. Het cassatieberoep, ingesteld op 24 december 2015, strekt tot de nietigverklaring van het arrest nr. RvVb/S/1516/0225 van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 17 november 2015 in de zaak 1415/0525/SA/0503.

II. Verloop van de rechtspleging

2. Een beschikking van 19 januari 2016 verklaart het cassatieberoep toelaatbaar.

Bij arrest nr. 234.799 van 20 mei 2016 stelt de Raad van State de afstand van een vordering tot wraking vast.

VII-39.767-1/3

De verwerende partij heeft een memorie van antwoord en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend.

Auditeur Joke Goris heeft een verslag opgesteld, op grond van artikel 16 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State.

De verzoekende partij heeft een verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend teneinde te worden gehoord.

De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 december 2016.

Kamervoorzitter Eric Brewaeys heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Isabelle Larmuseau, die loco advocaten Laurent Proot en Sofie De Maesschalck verschijnt voor de verwerende partij, is gehoord.

Eerste auditeur-afdelingshoofd Peter Provoost heeft een met dit arrest eensluidend gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Doelloos beroep

Met een brief van 15 december 2016 deelt de raadsman van de verzoekende partij aan de Raad van State mee dat de verzoekende partij “in het raam van een nieuwe verkavelingsaanvraag formeel afstand gedaan heeft van de vergunningsbeslissing van 26 maart 2015”, en dat “het ingestelde beroep zonder voorwerp is geworden”.

VII-39.767-2/3

Voorliggend cassatieberoep is derhalve doelloos geworden.

BESLISSING

1. De Raad van State verwerpt het cassatieberoep.

2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep, begroot op 200 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro, verschuldigd aan de verwerende partij.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zesentwintig januari tweeduizend zeventien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit:

Eric Brewaeys, kamervoorzitter, Carlo Adams, staatsraad, Peter Sourbron, staatsraad, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier.

De griffier De voorzitter

Bart Tettelin Eric Brewaeys

VII-39.767-3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.162