Legislator Jurisprudence & Législation
ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.100 ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.100 Généré par l'IA

Flemish Court of State dismisses urgent execution request after OVAM withdraws its original award decision.

Numéro de cause ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.100
Autorité / Tribunal
Juridiction Belgique (BE)
Date de la décision
Issue du litige Rejeté (Dismissed)

Synthèse Legislator

Généré par l'IA

The Council of State dismissed the request for urgent suspension of execution following the withdrawal of the contested decision by OVAM. The applicant sought to stop the award of a waste remediation contract to Wegrosan after the tender was declared the lowest regular offer. Since the original decision was withdrawn, the court found the applicant had lost their interest in the proceedings and thus rejected the claim.

Regeste Legislator

Généré par l'IA

Articles 10 and 11 of the Code of Administrative Justice; where the administrative authority withdraws the contested decision, the applicant loses their interest in the request for suspension of execution, resulting in the dismissal of the claim.

Mots-clés

Généré par l'IA
suspension of execution withdrawal of decision loss of interest urgent necessity administrative tender waste management contract OVAM award offre publique d'achat

Dispositions légales citées

Généré par l'IA
Articles 10 and 11 of the Code of Administrative Justice
Article 30/1 of the coordinated laws on the Council of State
Article 67 of the decree of the Regent of 23 August 1948
Généré par l'IA

Vous souhaitez savoir comment cet arrêt s'applique à votre dossier ?

Analysez cette décision avec la législation fédérale, le droit cantonal, la doctrine et la jurisprudence subséquente dans Legislator AI.

Ouvrir dans Legislator →

Texte complet

RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK

VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER

nr. 237.100 van 19 januari 2017

in de zaak A. 221.108/XII-8284

In zake: 1. de NV JAN DE NUL

2. de NV ENVISAN

samen vormend een tijdelijke handelsvennootschap bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Peter Flamey kantoor houdend te 2018 Antwerpen Jan Van Rijswijcklaan 16

bij wie woonplaats wordt gekozen

tegen:

de OPENBARE VLAAMSE AFVALSTOFFEN-

MAATSCHAPPIJ (OVAM)

bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Christophe Lenders en Joris Wouters kantoor houdend te 2018 Antwerpen Mechelsesteenweg 27

I. Voorwerp van de vordering

1. De vordering, ingesteld op 2 januari 2017, strekt tot de schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van “de beslissing van [de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij] dd. 13 december 2016, […]

waarbij de offerte van Wegrosan — HMVT voor het uitvoeren van de opdracht voor werken ‘Bodemsanering Steenweg 68 in Herk-De-Stad’ (BN151204), die werd geplaatst bij open aanbesteding en waarbij de OVAM optreedt als aanbestedende overheid, werd beoordeeld als laagste regelmatige offerte, zodoende dat de opdracht werd gegund aan Wegrosan — HMVT”.

XII-8284-1/3

II. Verloop van de rechtspleging

2. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 19 januari 2017, om 11.00 uur.

Staatsraad Pierre Barra heeft verslag uitgebracht.

Advocaat Evi Mees, die loco advocaat Peter Flamey verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Liesa Van Besouw, die loco advocaten Christophe Lenders en Joris Wouters verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord.

Auditeur Thomas Maes heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven.

Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

III. Intrekking van de bestreden beslissing

Met een beslissing van 12 januari 2017 van de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij is de bestreden beslissing ingetrokken.

De vordering is bijgevolg zonder voorwerp, minstens hebben de verzoekende partijen hun belang bij de vordering verloren.

IV. Kosten

4.1. In de gegeven omstandigheden past het de kosten inzake het rolrecht ten laste van de verwerende partij te leggen.

4.2. Er is te dezen grond om met toepassing van artikel 30/1 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en van artikel 67 van het besluit van

XII-8284-2/3

de Regent van 23 augustus 1948 ‘tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State’ aan de verzoekende partijen een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro toe te kennen, nu zij door de intrekking van de bestreden beslissing als de in het gelijk gestelde partijen dienen te worden beschouwd.

BESLISSING

1. De Raad van State verwerpt de vordering.

2. De verwerende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op een rolrecht van 400 euro, en een rechtsplegingsvergoeding van 700 euro die verschuldigd is aan de verzoekende partijen.

Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 19 januari 2017, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit:

Pierre Barra, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier.

De griffier De voorzitter

Silja Doms Pierre Barra

XII-8284-3/3

PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.237.100