Administrative court dismisses appeal due to failure to request continuation of proceedings within statutory deadline.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Council of State declared the applicant's abandonment of the proceedings after rejecting a request to suspend enforcement. The applicant had previously lost a motion to halt the execution of a decision denying French language course leave. Since no request for continuation was filed within thirty days of the suspension rejection, the court applied the statutory presumption of abandonment.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticle 17, § 7 of the Council of State Rules; Upon rejection of a suspension request, failure to file a continuation application within thirty days triggers a presumption of abandonment of the proceedings.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IATexte complet
RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK
VOORZITTER VAN DE IXe KAMER
nr. 236.995 van 10 januari 2017
in de zaak A. 218.353/IX-8810
In zake: Marcus SYMONS
bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Stijn Verbist kantoor houdend te 2000 Antwerpen Graaf van Hoornestraat 51
bij wie woonplaats wordt gekozen
tegen:
de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën die woonplaats kiest bij de Centrale Rechtskundige Dienst van de FOD Financiën gevestigd te 1030 Brussel North Galaxy – Toren B
Koning Albert II-laan 33 bus 15
I. Voorwerp van het beroep
1. Het beroep, ingesteld op 11 februari 2016, strekt tot de nietig-
verklaring van “de beslissing […] dd. 8 januari 2016, waarbij aan [Marcus Sy-
mons] 120 uren dienstvrijstelling voor het schooljaar 2015-16 geweigerd worden met het oog op het volgen van een cursus Frans Threshold 3A/3B”.
II. Verloop van de rechtspleging
2. Bij arrest nr. 235.133 van 20 juni 2016 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen.
IX-8810-1/3
Het genoemde arrest is op 28 juni 2016 aan de verzoekende partij ter kennis gebracht.
Op 24 augustus 2016 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 11/3, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 „tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs-
rechtspraak van de Raad van State‟.
De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden ge-
hoord.
Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, ge-
coördineerd op 12 januari 1973.
III. Beoordeling
3. Naar luid van artikel 17, § 7, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de ken-
nisgeving van het arrest.
4. Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechts-
pleging ingediend.
5. Het vermoeden van afstand van het geding is te dezen van toe-
passing.
IX-8810-2/3
BESLISSING
1. De Raad van State stelt de afstand van geding vast.
2. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op 200 euro.
Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 10 januari 2017, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit:
Bruno Seutin, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Tiny Temmerman, griffier.
De griffier De voorzitter
Tiny Temmerman Bruno Seutin
IX-8810-3/3
PDF document ECLI:BE:RVSCE:2017:ARR.236.995