Belgian Court of Cassation dismisses appeal regarding inadmissibility of civil claim against specific defendants.
Synthèse Legislator
Généré par l'IAThe Court of Cassation partially annulled the Court of Appeal's decision declaring the plaintiff's civil claim inadmissible against six specific defendants. The defendant argued the plaintiff's memorandum was inadmissible because it was served at his new address, yet he did not claim non-receipt. The Court rejected this argument, finding no evidence the defendant failed to receive the document, and thus upheld the original inadmissibility ruling against him.
Regeste Legislator
Généré par l'IAArticle 100 of the Code of Civil Procedure; Article 101 of the Code of Civil Procedure: A party cannot successfully argue the inadmissibility of a memorandum solely based on service at a new address if they do not assert they never received the document.
Mots-clés
Généré par l'IADispositions légales citées
Généré par l'IADécisions connexes
Généré par l'IATexte complet
Nr. P.16.0703.F
BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Financiën,
Mr. Geoffroy de Foestraets, advocaat bij het Hof van Cassatie,
tegen
1. P. E.,
2. L. F.,
3. M. M.,
4. M. J.,
Mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie,
5. T. A.,
Mr. Caroline De Baets, advocaat bij het Hof van Cassatie,
6. J.-P. C.,
7. M. L.,
Mr. Luc Van Damme, advocaat bij de balie te Brussel,
8. J. O.,
9. G. d M. d'A.
I. RECHTSPLEGING VOOR HET HOF
Het cassatieberoep is gericht tegen het arrest van het hof van beroep te Brussel, correctionele kamer, van 24 mei 2016.
De eiser voert in een memorie die aan dit arrest is gehecht, een middel aan.
Raadsheer Benoît Dejemeppe heeft verslag uitgebracht.
Advocaat-generaal Damien Vandermeersch heeft geconcludeerd.
II. BESLISSING VAN HET HOF
Beoordeling
A. In zoverre het cassatieberoep gericht is tegen de beslissing die de bur-gerlijke rechtsvordering van de eiser tegen de verweerders P. E., L. F., M. M., M. J., T. A. en J.-P. C. niet-ontvankelijk verklaart
Het door de verweerder M. J. opgeworpen middel van niet-ontvankelijkheid van de memorie van eiser
De verweerder voert aan dat de memorie niet ontvankelijk is omdat hij daarvan geen kennis heeft gekregen op zijn nieuwe woonplaats, terwijl het cassatieberoep hem aan die woonplaats werd betekend.
De memorie werd betekend aan de woonplaats van de verweerder zoals die in het bestreden arrest is vermeld.
De verweerder voert niet aan dat hij de memorie niet heeft ontvangen.
Het middel van niet-ontvankelijkheid kan niet worden aangenomen.
(...)
Dictum
Het Hof,
Vernietigt het bestreden arrest in zoverre het uitspraak doet over de burgerlijke rechtsvordering van de eiser tegen de verweerders P. E., L. F., M. M., M. J., T. A. en J.-P. C.
Verwerpt het cassatieberoep voor het overige.
Beveelt dat van dit arrest melding zal worden gemaakt op de kant van het gedeel-telijk vernietigde arrest.
Veroordeelt de eiser tot een derde van de kosten, houdt de beslissing over het overige gedeelte aan en laat deze over aan de verwijzingsrechter.
Verwijst de aldus beperkte zaak naar het hof van beroep te Bergen.
Aldus geoordeeld door het Hof van Cassatie, tweede kamer, te Brussel, door raadsheer Benoît Dejemeppe, waarnemend voorzitter, de raadsheren Mireille De-lange, Sabine Geubel, Sidney Berneman en Tamara Konsek, en in openbare te-rechtzitting van 11 januari 2017 uitgesproken door waarnemend voorzitter Benoît Dejemeppe, in aanwezigheid van advocaat-generaal Damien Vandermeersch, met bijstand van griffier Tatiana Fenaux.
Vertaling opgemaakt onder toezicht van raadsheer Filip Van Volsem en over-geschreven met assistentie van afgevaardigd griffier Véronique Kosynsky.
De afgevaardigd griffier, De raadsheer,
PDF document ECLI:BE:CASS:2017:ARR.20170111.4